Boekgegevens
Titel: De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Auteur: Bos, P.R.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 E 3 (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200007
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: (sociale) geografie: algemeen
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
260
overliet, is hij voor den handel zoowel als voor den oorlog van zeer
groot belang. De hoofdweg toch splitst zich bij Gabrowo in tweeën; de
eene weg leidt bijna in rechte lijn langs Sewliewo of Selwi, Lowets ot
Loftsja en Plewen of Plewna (al deze plaatsen dragen een Turkschen en
een Boelgaarschen naam) naar de Donau en Klein-Walachije, terwijl de
andere over Drenowo en Tirnowo de eenerzijds directe verbinding met
Roestsjoek en Boekarest, anderzijds die over Osmanpazar en Eski-Dzjoemna
met Sjoemla vormt. Rusland had dan ook in den laatste oorlog met de
Walachijsche laagvlakte als bazis zijn' aanval op den Sjibka-pas gericht,
die, — waren de wegen ook al niet in zeer goeden toestand, — toch
niet veel moeilijkheden aanbiedt. Van uit Walachije en Boelgarije leidt de
pas over den Balkän naar het hart van Turkije, het Maritza-bekken met
Philipopel en Adrianopel en vervolgens naar Konstantinopel.
Hebben we het hoogste punt bereikt, — volgens Boué 1665, volgens
Barth 1444 meter, — dan vertoont zich voor onze blikken eensklaps de
schoone, veel geprezen vlakte van Kazanlik. Op één oogenblik denkt de
reiziger, die van Gabrowo komt, zich in twee geheel verschillende werel-
den verplaatst, verschillend zoowel wat het landschap als wat de planten-
wereld en de bevolking betreft. Van den Sjibka-bergkam naar het noorden
ziet men eene natuur, die den mensch den harden strijd om het leven
oplegt; naar het zuiden ontvouwt zich een rijk gezegend, schilderachtig
landschap. Naar het noorden vertoonen bergen en dalen overal eentonig
groene weiden tusschen eiken- en beukenwouden, waarin we slechts met
moeite een halfverborgen armelijk dorpje der Boelgaarsche bergbewoners
ontdekken, die hunne hutten met platte stukken kalksteen bedekt hebben.
Geheel anders is 't in het zuiden. In de laagte strekt zich de beroemde
vlakte van Kazanlik uit, door lage bergen tegen de zuidwestenstormen
beschut en bedekt met rozentuinen en korenvelden, doorsneden van schit-
terende wateraderen, beschaduwd door groote groepen notenboomen en
bezaaid met talrijke Osmaansche plaatsen met roode daken en witte mina-
rets. De tegenstellingen op den Sjibka-pas, zegt Kanitz, spotten met iedere
schildering. Men denkt zich eensklaps van Europa naar Klein-Azie verplaatst.
De weg naar beneden is steil en voor wagens moeilijk te passeeren.
Volgens Kanitz zou zijn beloop echter aanzienlijk kunnen worden verbe-
terd. Binnen hoogstens een uur bereikt men van het hoogste punt af Sjibka,
een groot dorp met 800 Boelgaarsche huizen en twee kerken. Het noor-
delijkste deel van dit dorp strekt zich aan den voet van den Balkan uit
in eene met dicht woud bedekte kloof. Naar het zuiden treffen wij de
groote rozentuinen aan, waaraan het dorp zijn' bloei te danken heeft.
Halverwege tusschen Sjibka en Kazanlik ligt, verscholen tusschen rozen-
tuinen en notenboomboschjes, het schilderachtige, uitsluitend door Osmanen
bewoonde Hasköi. Een uur verder ligt het beroemde Kazanlik. Van de
1650 kilogram rozenolie, die gemiddeld in deze streken wordt gewonnen,
komt 850, dus meer dan de helft op Kazanlik. Welk eene ontzettende
uitgestrektheid lands voor den verbouw van rozen in beslag wordt geno-