Boekgegevens
Titel: De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Auteur: Bos, P.R.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 E 3 (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200007
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: (sociale) geografie: algemeen
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
254
vleesch, vruchten, pijpen etc. te koop biedende. Overal zijn kleine koffie-
tentjes, waarvoor kammalen op de hurken zitten te rooken, en in de
straa^es die naar de groote straat van Galata voeren, staan Griekinnen en
Armenische meisjes aan de deuren. Als men bij deze schildering nog één
trek voegt, n.l. de tallooze honden, die in de straten van Konstantinopel
rondzwerven, zonder eigenaar en zich voedende met alles wat van orga-
nischen oorsprong is, dan is althans eene ruwe schets gegeven van het
leven, dat in deze straten heerscht. In de drukke buurten is de Turksche
hond kruipend en lafhartig: zijn moed is daar door zoo menigen schop
en zoo menigen trap gebroken; in de eenzame straten evenwel is hij een
echte misantroop. Eéne goede zijde heeft de aanwezigheid van deze dieren :
ze vormen eene soort van gezondheidspolitie, die althans de meeste rottende
stoffen van de straat verwijdert.
Van Galata komt men langs eene steile, geplaveide straat naar Pera.
Om dezen lastigen weg te vermijden, heeft eene natuurlijk uit buiten-
landers bestaande maatschappij in 1875 een grooten tunnel onder de hui-
zen door laten graven. De geheele trein bestaat uit slechts twee wagens,
een openen eh een overdekten; alle 5 minuten vertrekt er een in beide
richtingen. Voor ambtenaren en menschen van zaken, die in Galata en
Pera beide moeten zijn, is deze onderaardsche weg eene ware weldaad.
Pera is de hoofdwijk voor de diplomaten en de Franken (Westerlingen),
die hier ongeveer 50000 zijn. Met zijne baksteenhuizen, die enge trapach-
tige straten vormen, terwijl ze bij den heuvel op loopen, met zijne Fran-
kische drachten en gezichten, zijne Europeesche drukte, herinnert Pera
meer eene Italiaansche dan eene Oostersche stad. Toch ontbreken ook
hier geene Turken en Turksche toestanden. Men ontmoet Turksche draag-
stoelen en koetsen met vergulde versieringen ; Turksche dames liggen
daarin om naar Europeesche winkels te gaan en daar inkoopen te doen.
De donkere oogen fonkelen boven den sluier uit, die echter vooral bij
schoone en jonge dames zoo dun is, dat de vormen van den lachenden
mond en van het geheele gelaat er door te zien zijn. Gewoonlijk rijdt
achter de koets een zwarte, die de al te ijverige bewonderaars met een'
zweepslag wegjaagt. — Boven op den top des heuvels verheffen zich de
stoute paleizen der Europeesche gezanten, groote hotels en andere aanzien-
lijke gebouwen, van waar uit men een prachtig gezicht over Konstantinopel
en den Bosporus heeft.
Eene bezienswaardigheid in Pera zijn de dansende derwischen. Ze hou-
den iederen Vrijdag in hunne moskee eene godsdienstoefening waarbij de
wonderlijke snaken als dol in een' kring ronddraaien, totdat ze duizelig
neervallen.
Aan gene zijde van den Gouden Hoorn, den 7 kil. langen en hoogstens
600 M. breeden inham, die het tegenwoordige Konstantinopel in twee
hoofddoelen verdeelt, strekt zich op zeven heuvels het Turksche Stamboel
uit. Bestijgen we hier den hoogen wachttoren van het ministerie van oorlog,
om een overzicht van de stad te verkrijgen. Van dezen toren kondigt het