Boekgegevens
Titel: De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Auteur: Bos, P.R.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 E 3 (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200007
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: (sociale) geografie: algemeen
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
185
dan vraagt ze niet: „drinkt hij?" want dat spreekt wel vanzelf, maar:
„hoe is hij, als hij eene roes heeft?"
Als de zomer ten einde spoedt, wordt de haven ledig. Maar men is op
de komst van den winter voorbereid. Overal ziet men groote stapels hout
liggen, alsof ieder eigenaar van een huis fabrieken bezat. De wintervensters
worden geplaatst; alle naden daarvan worden met werk dichtgestopt en
met papier beplakt, nadat men tusschen de beide ramen eene laag watten
of rendiermos heeft aangebracht. De kunst van stoken verstaat men te
Archangel zeer goed. Des morgens vroeg legt men in de kachel een ontzet-
tend groot houtvuur aan. De kachel is zoodanig geplaatst, dat zij te gelijk
verschillende kamers verwarmt. Alle kamerdeuren staan open, zoodat door
het geheele huis eene gelijkmatige temperatuur heerscht en het nergens tocht.
Voor de ramen ziet men allerlei bloemen geplaatst, die flink groeien. De
winter is te Archangel lang zoo akelig niet als men zou denken. Binnen
is het aangenaam warm en buiten heerscht eene gelijkmatige vorst. De
sneeuw heeft de oneffenheden der wegen doen verdwijnen; 't is nu de beste
tijd voor het reizen. Op de rivieren en vijvers krioelt het van schaatsen-
rijders. Ook de „ijsbergen" schenken menigeen genoegen. Hier en daar ziet
men twee hooge, smalle, torenachtige stellages op ongeveer 150 schreden
afstands van elkaar zich verheffen. Aan de eene zijde wordt dit gevaarte
langs trappen bestegen. De andere, de naar no. 2 toegekeerde zijde, helt
eerst steil, vervolgens vlakker, tot ze eindelijk horizontaal uitloopt. Deze
helling wordt met brokken ijs belegd, die, met water overgoten, eene
spiegelgladde oppervlakte vormen. Daar glijdt men nu op eene lage, een
meter lange ijzeren slede langs naar beneden, en zoodanig zijn afstand en
snelheid berekend, dat men aan den voet van no. 2 aanlandt, zoodat die
kan worden bestegen, waarna men langs het hellend vlak van dezen berg
afglijdt. De heeren engageeren hunne dames voor deze uitspanning, als gold
het een bal. De heer zit voor op de slede, de dame knielt achter hem,
legt hare handen op zijne schouders, en vooruit gaat het met duizeling-
wekkende snelheid. Dikwijls geniet men dit genoegen 's avonds bij fakkel-
licht of bij papieren lantarens.
Men weet zich in Archangel te amuseeren.
Spoedig wordt het echter te koud om buiten te zijn, en men moet zich
binnenshuis vermaken. Ook daartoe bestaan goede gelegenheden. Archangel
heeft vier clubs, van welke twee eene groote stad niet tot oneer zouden
verstrekken. Danszalen, leeskamers, speelzalen, biljardzalen, buffet, —• alles
is zeer goed ingericht. Aan bals, concerten en tooneelvoorstellingen ont-
breekt het niet. Huiselijke feesten en partijtjes vullen de tusschenmimten aan.
Maar de zon komt reeds hooger boven den horizon. Eerst zijn hare
door de sneeuw teruggekaatste stralen verblindend; maar al gauw wordt de
sneeuw vuil. Nu nog een paar regenbuien , en weg is de winter. Het voor-
jaar komt en heel spoedig de zomer. Men neemt afscheid van den winter
met de gedachte: hij zou heel mooi zijn, als hij wat korter duurde.