Boekgegevens
Titel: De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Auteur: Bos, P.R.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 E 3 (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200007
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: (sociale) geografie: algemeen
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
121
kleur der oogen. De Bretons van het midden des lands en van de zuid-
kust vertoonen in vele opzichten groote overeenkomst met de bewoners
van het hoogland van Auvergne. Zonder t^vijfel is dus hier het Gallische
(Keltische) karakter het zuiverst bewaard gebleven.
De taal, die de Bretons, eigenlijk Bas-Bretons, ter onderscheiding van
de eveneens Keltische Ieren, Hoog-Schotten en bewoners van Wales,
spreken, is het „Breizad". Hunne literatuur is veel minder rijk kan die
der zustertaal aan gene zijde van het Kanaal. Tegenwoordig verschijnt er
slechts één Bretonseh weekblad. De Fransche taal dringt het „Breizad"
snel terug naar het westen, evenals in 't zuidwesten van Frankrijk de taal
der Iberiërs of Basken , in Gascogne (= Baskenland), steeds meer Fransche
best-inddeelen in zich opneemt.
In de Bretons zien we als 't ware in beschaving achtergebleven bewoners
van Frankrijk, waar nog menig oud heidensch gebruik naast het katholi-
cisme is blijven bestaan. In 't noordwesten, in de „Terre des ]iaïens"
(r= I^and der heidenen, of „ar paganiz", zooals het in het Breizad luidt),
werd in de middeleeuwen nog afgoderij bedreven; daar was het, dat van
het strandrecht een gruwelijk misbruik werd gemaakt. Daar werden door
valsche lichtsignalen schepen misleid en naar de rotsachtige kust geiokt,
waar de aangespoelde buit werd geplunderd en, naar men verhaalt, zelfs
menig schipbreukeling beroofd en vermoord in plaats van liefderijk geholpen
en verpleegd. Maar ook buiten de „Terre de paiens" leven nog vele
heidensche gebruiken. Menige plek, die door het heidendom werd vereerd,
is in eene kapel veranderd, waar dezelfde gebeden nog klinken als voor
twee duizend jaar, maar tot eene nieuwe godheid gericht. En dit verschijnsel
laat zich zeer goed verklaren. Om velen tot het christendom te bekeeren,
behielden de eerste apostels van Armorica een gedeelte van de oude gods-
dienstvormen , terwijl ze der godheid eenvoudig een anderen naam en de
plechtigheid eene andere beteekenis gaven. Maar het volk hecht aan het
uiterlijke, en, hoewel zijne goden waren omgedoopt en zijne godsdienst-
plechtigheden eene andere beteekenis hadden gekregen in de oogen der
geestelijken, bleef het, ofschoon in naam christen, toch inderdaad heiden.
Zoo werden de vuren ter eere van de zon omgedoopt in St.-Jansvuren.
De Kelt had van de geestelijkheid het altaar der Liefde ontvangen, dat
der Haat had zij omverworpen. Maar in zijn' boezem leefde nog de haat;
daarvoor wilde hij een' godsdienst behouden, en, zonderling genoeg: hij
koos daarvoor de moeder van Jezus. ,,Notre-Dame de la Haine" luidde
het opschrift van menige kapel. Nog tegenwoordig bestaat zulk eene bij
de stad Tréguier, en het volk heeft het geloof aan de kracht der gebeden,
daar uitgestort, nog niet laten, varen. Nog dikwijls ziet men des avonds
gestalten sluipen naar den naakten heuvel, waarop zich deze kapel verheft,
't Zijn pupillen, die hunne voogden moede zijn; grijzaards. afgunstig op
huns buurmans voorspoed; vrouwen, die door hunne echtgenooten worden
mishandeld, en die allen komen er de Godheid der Haat den dood van
hen die ze haten afsmeken.