Boekgegevens
Titel: De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Auteur: Bos, P.R.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 E 3 (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200007
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: (sociale) geografie: algemeen
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
119
tegen vreemden invloed hebben verzet. De Engelschen, die Normandie
en Anjou hadden onderworpen, konden geen vasten voet krijgen in Bre-
tagne, en toen deze provincie Fransch was geworden, wist ze nog lang
hare oude zeden te handhaven. Zelfs tegenwoordig is Bretagne nogjaltijd
dat deel van Frankrijk, welks bewoners het best hunne oorspronkelijke
eigenschappen hebben bewaard.
Was Bretagne naar de landzijde door zijne rotsen, zijne bochtige dalen,
zijne heidevelden en zijne wouden afgesloten, naar de zeezijde naderde
het Frankrijk, hoe tegenstrijdig dit laatste ook moge schijnen met den
vorm en de ligging van 't,schiereiland. De talrijke baaien en kreeken, de
vischrijke zee, de hooge vloed die de havens binnen dringt, begunstigden
het ontstaan van eene groote visschers- en handelsvloot en maakten dus
de wisseling van gedachten, de aanraking der volken mogelijk. Door zijne
kuststeden veel meer dan door zijne steden aan de landgrenzen is Bretagne
Fransch geworden. De menigvuldige zeeoorlogen ontwikkelden bij de
JBretonsche matrozen eene soort van vaderlands-trots, die gepaard bleef
gaan met eene haat tegen den vreemdeling. De zee vereenigde tot één
volk de matrozen die twee verschillende talen spreken, de mannen van
Douarnenez en die van la Rochelle, Dieppe en Duinkerken.
Een Bretonsch dichter teekende zijn land in den volgenden uitroep:
„O terre de granit, recouverte de chênes!" (O land van graniet, bedekt
met eiken!), en in waarheid: Bretagne is een land van een eentonig
grootsch karakter. Maar toch zijn er nog enkele trekken noodig om het
land der Bretons te schetsen, 't Zijn de uitgestrekte heidevelden, de bruine
venen, de gele bremstruik, de grijze steenenrijen langs de velden, de
bochtige wegen tusschen de groene hagen, de nistige beekjes, de half in
de schaduw verscholen plassen, de oude met klimop bedekte muren. In
de buurt der, baaien en der diep ingesneden riviermonden, waarin de vloed
opstormt, zijn het andere trekken: zandbanken, die beurtelings droog lig-
gen en met water bedekt zijn, eenzame rotsen die de macht der golven
weerstaan, donkerkleurige lagen keien die de zee met een geluid als van
rammelende ketenen en snikken tegen elkander en tegen de rotsen wrijft.
Weinig tooneelen laten een dieperen indruk na dan een storm, die uit
het westen de golven tegen de rotsen en klippen van Bretagne opjaagt.
Wie dit grootsche schouwspel ten volle wil genieten, begeve zich naar de
Pointe de Raz, het westelijkste punt van 't schiereiland, dat zich ten
zuiden van de baai van Douarnenez uitstrekt. Daar meenen de matrozen,
in de „baai der Dooden", dikwijls de zuchten der schipbreukelingen te
hooren, vermengd met het donderend geluid der golven en het knarsen
en schuren der steenblokken tegen de vaste rotsen. Op het door klippen
omgeven en in den stuivenden waternevel der branding gehulde eiland
Sein moesten in den tijd van het heidendom negen druïden-maagden de
woede van den god der stormen bezweren. O]) de Pointe de Raz is het
gezicht op den opgezweej)ten oceaan overweldigend; hoewel men er
80 M. boven de zee staat, wordt men er overdekt met het schuim der