Boekgegevens
Titel: De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Auteur: Bos, P.R.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 E 3 (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200007
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: (sociale) geografie: algemeen
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
116
plaatsen van Parijs; de „Montmartre", een heuvel met kalksteengroeven ; den
„Jardin des Plantes" of dierentuin, en om ook het onderaardsche Parijs
niet onvermeld te laten, de Catacomben, oorspronkelijk steengroeven,
waaruit de bouwsteen voor de huizen der stad werd gehouwen en die onder
een groot gedeelte der stad doorloopen. In 't laatst der vorige eeuw is
men begonnen er de op de kerkhoven uitgegravene beenderen in op te
hoopen, zoodat men ze de stad der dooden zou kunnen noemen.
DE PARIJSCHE BOULEVARDS.
Toen de grenzen van Frankrijk door de veroveringspolitiek van Lode-
wijk XIV waren uitgezet en naar den kant van het Duitsche rijk en de
Nederlanden eene rij van vestingen was verkregen, begreep de machtige
en roemzuchtige koning, dat Parijs geen muren meer noodig had, dat de
stad uitsluitend zich kon wijden aan de taak, een voorbeeld te worden
van al wat groot en schoon mocht heeten op gebied van wetenschap en
kunst. Na den vrede van Aken (1668) werden de muren, die haar bloei
en grootheid, haar roem ook', beperkten, geslecht. Op de plaats daarvan
en van de grachten ontstonden de boulevards, welk woord is gevormd
van „bolwerk". In de plaats van de middeleeuwsche poorten kwamen de
groote triomfbogen, waarvan nog twee bestaan, de Porte Saint Denis en
de Porte Saint Martin, die in 1672 en 1674 ter eere van Lodewijk XIV
werden opgericht. Tegenwoordig maken ze, midden in de drukste gedeelten
der stad staande, een eenigszins vreemden indruk.
Onder den spilzieken Calonne, minister van Lodewijk XVI, werd Parijs
met zijne voorsteden weder met een' muur omgeven, die 58 poorten of
barrières telde. Deze muur moest niet ter verdediging van de stad dienen,
maar als een middel om de inning van eene stedelijk belasting (octrooi) op
de levensmiddelen mogelijk te maken. Dat de bouw van dezen muur door
de Parijzenaars met leede oogen werd aangezien, blijkt duidelijk uit eene
woordspeling van dien tijd: „Ie mur murant Paris rend Paris murmurant".
In i860 werd de octrooi-grens vooruitgeschoven naar de sedert 1840 ge-
bouwde vestingmuur (enceinte), en op de plaats van den ouden muur ont-
stonden de buitenste boulevards.
Bovendien hebben de veranderingen onder Napoleon III en de tegen-
woordige republiek vele nieuwe boulevards geschapen, die den naam en
het voorkomen, niet echter de wijze van ontstaan met de bovengenoemde
gemeen hebben. Sommige ervan dragen den naam van „avenue".