Boekgegevens
Titel: De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Auteur: Bos, P.R.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 E 3 (atlas)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200007
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: (sociale) geografie: algemeen
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
94
Ligt Weenen gunstig voor den handel, ook in een staatkundig opzicht
is het zeer voordeelig gelegen. Langs de bovengenoemde wegen beheerscht
het niet alleen zijne onmiddellijke omgeving, maar een groot gedeelte van
het Donaugebied en daarbij, zooals op blz. 89 is aangetoond, Bohemen.
Oostenrijk-Hongarije is de Donaustaat bij uitnemendheid, die zijn' grond-
slag in het bekken van Weenen en wel meer bijzonder in Weenen zelf
heeft. Men kan de geheele geschiedenis dezer monarchie beschouwen als
een kristallisatie-proces rondom het middelpunt Weenen. Ook Hongarije,
de groote, door gebergten omgevene Hongaarsche vlakte, werd veroverd
en den Turken ontrukt, waardoor Weenen niet meer het middelpunt der
geheele monarchie bleef, doch met meer recht misschien het zwaartepunt
er van genoemd kan worden. Nog belangrijker zal het nu reeds snel in
bevolking toenemende Weenen worden, als in het Balkan-schiereiland de
spoorwegen onafgebroken zullen doorloopen naar Saloniki en Konstantinopel,
wanneer Klein-Azie en de Euphraat-landen ook hunne spoorwegen zullen
hebben gekregen. Was Weenen reeds vroeg een bolwerk tegen de woeste
horden, die Middel-Europa wilden binnendringen, en tevens de poort,
waardoor de gemeenschap met het barbaarsche Oost-Europa plaats had,
het zal in waarheid een middelpunt van Europa kunnen worden, wanneer
de zooeven genoemde spoorwegen bestaan.
't Is natuurlijk, dat Weenen eene veelsoortige bevolking heeft. Is zij in de
eerste plaats eene Duitsche stad, ze heelt bovendien genoeg andere bestand-
deelen in hare bevolking, om in ethnographisch opzicht een gemengd karakter
te dragen: Slaven kwamen er van het noorden af, Magyaren en Serviërs van
't oosten, Italianen en Dalmatiers van het zuiden. Zoo leverden de vier hemel-
streken en de vier stammen der monarchie aan Weenen vertegenwoordigers.
Zelfs de Zigeuners uit Hongarije en Zevenburgen ontbreken er niet.
De Weener is trotsch op zijne stad — „'s gibt nur a Kaiserstadt, 's gibt
nur a Wien", zingt het volkslied — en op haar burgerschap. Hij heeft zin
voor het schoone, zin voor genot, — zoodat de stad aan de schoone
blauwe Donau stellig eene der vroolijkste steden is die er zijn, — en
tevens voor wat men in Parijs „chic", in Weenen „fesch noemt.
„Het Duitsche Parijs" is dan ook werkelijk eene mooie stad, vooral
.sedert de oude vestingmuren, die de oude stad van de nieuwere gedeelten
scheidden, zijn gevallen en plaats hebben gemaakt voor breede, elegante
boulevards met monumentale gebouwen, naar het voorbeeld der Parijsche.
Deze boulevards, in Weenen „Ringstrasse" geheeten, omgeven de oude
kern der stad, die weliswaar nog enge, kromme en soms hoekige straten
heeft, welke evenwel zooveel mogelijk worden vervangen door rechte en
breede straten, maar die toch het elegantste en weelderigste deel der stad
vonnt. De Weener spreekt eenvoudig van „de stad", als hij het door de
„Ringstrasse" ingeslotene gedeelte bedoelt; wat daarbuiten ligt,, zijn de
voorsteden, waar de industrie hare zetels heeft. De schitterendste winkels,
de handel, maar ook de aristocratie, de gezanten der vTeemde mogend-
heden , de hoogste regeeringslichamen en de ministeriën zoeken met voor-