Boekgegevens
Titel: Het boek der moeders, of Handleiding voor moeders om haare kinderen opmerken en spreeken te leeren
Auteur: Pestalozzi, Johann Heinrich
Uitgave: Groningen: J. Oomkens, 1804
Opmerking: 1e stuk
Vert. van: Buch der Mütter, oder Anleitung für Mütter ihre Kinder bemerken und reden zu lehren. - 1803
Niet verder verschenen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1048 D 33
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200005
Onderwerp: Algemene taal- en literatuurwetenschap: taalverwerving
Trefwoord: Taalverwerving, Kinderen, Aanschouwelijk onderwijs, Moeders
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het boek der moeders, of Handleiding voor moeders om haare kinderen opmerken en spreeken te leeren
Vorige scan Volgende scanScanned page
löl
Itlïnkt alles veel fterker, dan bij warmwedet^
bij dag, en nannecr het regent.
Alle geluiden, die in hmm^ eigenheid en
hl hunne hoogte ge/ijk zijn, zijn moeilijk te
Quderfcheiden.
Wanneer twee paarden op den ftal zijn, en
een van beiden hinnikt, moet iemand ziin
paard wel kennen, wanneer hij weeten wil-,
wie van beidai hinnikt^; doch men kan het
doen, wanneer men cr recht acht op geeft,
maar men muct oogen en ooren famen gebrui-
ken, wanneer men' het recht leeren Avil.
Rilt is even zoo moeilijk, onder veele jagt-
honden altijd nanuwkearig te weeten, wie
blaft; maar dewijl de jager dezelve dikwijs
en lang onder de oogen heeft, wanneer zij
blafl'en, zoo vereenigc zich de indruk van hun
geluid met hun beeld in zijne ziel, en zoo
koomt hij zoover, dat» offchoonhij ook twaalf
honden in den (lal heeft, hij ieder aan zijne
Hem kent, al ziet hij hem ook niet.
Aan het geluid achter den muur kan men
w^eeten, of niu*zen of ratten tegen denzelvea
op , en bij denzelvcn neêrkhmmen-doek
niet altijd-een groote nuiis en een kleine
rat kunnen achter den muur, wat hec geluid
betreft, het vrij gelijk maaken, en dan is er
nog dit: de kracht, om aan gelijke geluiden
of klanken de bepaalde reden, waarvandaan
zij koomen, naauwkeurig te gnderfcheiden^
vormt zich, gelijk wij reeds boven hebben
opgemerkt, het best, wanneer men dat gene,
hetwelk men gehoord lieeQ:, naderhand ook
zien en zich overtuigen kan, of ons het ge-
luid, het welk wij gehoord liebben, met op-
zigt