Boekgegevens
Titel: Bloemlezing uit Nederlandsche dichtwerken
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 2: 2
Auteur: Eilers Koch, Johan Rudolph; Eilers, Johan Rudolf
Uitgave: Leiden: D. Du Mortier en zoon, 1847 *
Maatschappij tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1198 D 2
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200004
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: 18XX, Bloemlezingen (vorm), Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bloemlezing uit Nederlandsche dichtwerken
Vorige scan Volgende scanScanned page
II i)
PIETER LANGENUI.IK.
Een menscli kijkt daar zijne oogen Idind
Aan al de waar, die hij er vindt.
FILIPPIJN.
Die ziekte maakt mijn hart vol vrees!
KEES.
Maar, zeper, is mijn naam geen KeesP
Bin ik geen melkboer?
FILIPPIJN.
Neen! gij zijt een magtig Koning.
KEES.
Een Keiming inderdaad!
FILIPPIJN.
O Ja.
KEES.
Niet in vertooning?
FILIPPIJN,
Gij zijt een Koning inderdaad.
KEES.
Is 't mengelijk! wel wat een praat!
Maar Loim' de melkboer was nogtans mijn aaige vader.
PÏETER,
De Macedoonsche Vorst, die door een snood verrader
Weleer om 't leven werd gebragt
Was uw Heer vader, voor wiens magt
Lacedemonië en Athene moesten beven.
JAN.
Gij doet gansch Perzië naar uwe wetten leven
KEES.
Wat of een mensch al droomen kan,
Ik bin nou meer als Edelman
JAN.
De Vorst begint nu tot zijn zinnen weer te komen,
En hij begrijpt alreeds de dwaasheid van zijn droomen
Eigen. Deze tegenwerping is weder zeer aardig. Philippus, de
vader van alexander, werd door pausanias vermoord, in het jaar 336 vóór
christus. Twee Gricksche Staten, (^oj Alexander had ook het Rijl; der
Perzen veroverd. Dit had hij vroeger willen* zijn. T. w. de