Boekgegevens
Titel: Nederlandsche volksoverleveringen en godenleer
Auteur: Bergh, Laurens Philippe Charles van den
Uitgave: Utrecht: Johannes Altheer, 1836
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1197 C 36
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200001
Onderwerp: Sociologie: folklore, volkskunde: algemeen
Trefwoord: Volksverhalen (teksten), Mythologie, Nederland
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche volksoverleveringen en godenleer
Vorige scan Volgende scanScanned page
48
keerende, trok hij door Zwitserland, alwaar hij
eene volkplanting achtei'liet, welke zich allengs tiit-
breidde en in bloei raakte, totdat zij in de overige
Zwitsers insmolt en verder onbekend bleef. De
Friezen noemden dit land in hunne taal Su-rijckj
dat is Zuidrijk, en dit zou de oorsprong van den
stadsnaam Zürich zijn, want in dit kanton hadden
zich deze kolonisten nedergezet, dewijl zij daar de
afstammelingen hunner voorouders vonden, waarvan
sommigen, omstreeks 111 jaren vóór Christus, op
eenen togt naar Italië, aldaar achtei'gebleven zouden
zijn, en waarvan ook de naam Helvetia zou af-
stammen, als zijnde half weg Rome, (haele wey).
Eindelijk heeft er nog eene landvei^huizing van
Friezen in het midden der twaalfde eeuw plaats ge-
grepen, naar de oevers van den Eider en in Hol-
stein , alwaar zich ook reeds vroeger ingezetenen
van dien landaai-d bevonden, welke toen den naam
van Eidersteders en Strantfriezen bekwamen.
Wij maken overigens geen gewag van andere
volksverhuizingen, zooals naar Keulen , naar Chili
in America enz,, omdat dezen het voorkomen
hebben, slechts door de halfgeleerden der middel-
eeuwen bedacht te zijn, en geenszins uit eene oude
overlevering voortgesproten. Alleen voegen wij er
bij, dat er nog in de eeuw eene kolonie
uit Friesland naar Denemarken vertrokken is, welke
aldaar op het eiland Aniak , bij Koppenhagen , eenige
dorpen bevolkte. De taal dezer Friezen is echter
zeer verbasterd en giootendeels plat Duitsch.