Boekgegevens
Titel: Natuur- en huishoudkundig handboek
Serie: Verhandelingen, uitgegeeven door de Nederlandsche Maatschappij: tot Nut van 't Algemeen ;, 15: 2
Auteur: Stant, Cornelius
Uitgave: Amsterdam: C. de Vries, H. van Munster en zoon, J. van der Heij, 1814.
Maatschappij: tot Nut van 't Algemeen.
Opmerking: Bevat: Antwoord op de prijsstoffe: Een natuur- en huishoudkundig handboekje / door Cornelis Stant
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-930
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206414
Onderwerp: Geneeskunde: voeding (persoonlijke gezondheidszorg)
Trefwoord: Voedingsstoffen, Voedselveiligheid, Voedingsleer, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Natuur- en huishoudkundig handboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
' ( 175 )
öntde'kt het aatiwezen der loodftofFen in het water, als
men kalkaardige zwavellevcr neemt, die in een welge-
iloten flesje bewaard is, daar van een eijerlepeltje met
warm water , in een goedgekurkt flesje , ondereenmengt,
en na de bezinking in het water, dat men onderzoeken
wil, mengt, als wanneer hetzelve helder zal blijven, in-
dien het geen loodftof bevat; maar briiin wordende kan
men zich van de aanwezige loodftof verzekerd honden.
Het proefvocht van HAHNEMAN,of de fympathetifche
Inkt door gaubius medegedeeld, en door ons te
voren aangehaald, kan tot dit zelfde oogmerk dienen.
Bevat het water ijzerdeeltjes, zoo als fommige bron-
nen, men kan dit, hoe zeer zij de gezondheid niet
benadeelen, door het opgegeven kalkaardig zwavellever-
water, als proefvocht, mede ontdekken. IJzerbevat-
tend water, door dit proefvocht onderzocht, wordt
niet, als bij het lood , bruin, maar zwartachtig. Dit
proefvocht met wijnfteenzuur vermengd, wijst alleen
bet lood en niet het ijzer aan.
. Men ga niet achteloos de zorg voor het drinkwater
voorbij, als of het van geen gewigt ware , omdat
■wij, en ook onze voorouders, bij hetzelve gezond ge-
leefd hebben; want des niettegenilaande bevat het niet
zelden de kiem voor verfchillende ongemakken , die
•wij mede niet ontgaan , maar misfchien daarom niet
-ontdekken, omdat wij zonder dezelve geene gezond-
heid kennen. De kropgezwellen in Carinthien en de
Alpijche gewesten kunnen hier van ten voorbeeld ftrek--
ken, dewijl de meer gegoede lieden aldaar, die bier,
wijn en geestrijke vochten, in plaats van bronwater,
drinken, daar van verfclioond blijven. Zoc mede de
flecn in nieren en blaas, die in vele ftreken van llon-
'parijen, door welke het water, dat van het gebergte
Scepefi vloeit, heenftroomt, zeer gemeen is; de veel-
vuldige beengebreken en beenuitwnsfen, door frank,
in het Bal'Jer/jche waargenomen , en de loslijvigheid
tiit het drinken van Maaswater ontftaan, zyn verder
genoegzame bewijzen.
Dat'het drinken uit ftilftaande poelen, floten of moe-
Tasfen, Vvelker water dikwils met vuile deelen overh-
eden, met de eijeren van alderhande Infekten, het fchot
van Kikvorfchen, en dergelijken meer, bezwangerd of
•door verrotting van plantgewasfen , geftorvene visfchen
of andere diérlijke zelflUndigheden, befmet geworden
is.