Boekgegevens
Titel: Natuur- en huishoudkundig handboek
Serie: Verhandelingen, uitgegeeven door de Nederlandsche Maatschappij: tot Nut van 't Algemeen ;, 15: 2
Auteur: Stant, Cornelius
Uitgave: Amsterdam: C. de Vries, H. van Munster en zoon, J. van der Heij, 1814.
Maatschappij: tot Nut van 't Algemeen.
Opmerking: Bevat: Antwoord op de prijsstoffe: Een natuur- en huishoudkundig handboekje / door Cornelis Stant
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-930
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206414
Onderwerp: Geneeskunde: voeding (persoonlijke gezondheidszorg)
Trefwoord: Voedingsstoffen, Voedselveiligheid, Voedingsleer, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Natuur- en huishoudkundig handboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 68 )
L
heet gemaakt werd ; in deze Saus vlugge zwaveltinic-
tuur druppelende, nam dezelve terftond eene don-
kere verwe aan : eene foortgelijke Saus in een glazen
pot gekookt leed door iiet bijgevoegde zwavelaftrekiel
geene verandering. Ook eene Soupe met Plantenzu-
ren in eene herberg toebereid, verkreeg terftond ge-
lijke verwe, na het bijvoegen van zwaveltinktuur, ten
bjijke, dat dezelve met loodllof bezwangerd was.
Wel is waar, hef gevaar van onvertind nieuw ko-
peren vaatwerk, dat nog oneffen is, en waar in geene
bijtende lloife heeft ingevreten, is minder dan dat van
glad gefchuurd kopei , omdat niet deszelfs geheele
oppeiviai-re evenzeer aan de bijtende ftoffe bloot ftaat.
Het versch vertinde is minder gevaarlijk dan het afge-
llctene , omdat in het laatUe geval het koper mede
■aaniisdjian kan worden en fchadeii.
ïe reiit. zijn deze metalen eenen fluipenmoordenaar
gelijk, die 5 zich angllig verbergende, heimelijk, uit
eene hinderlaag kwetst, eer men het gewaar wordt:
want hoe zal men het vergif in de vaste fpijzen her-
kennen, wanneer het in geene groote hoeveelheid aan-
we,zigis ? En echter is deszelfs geringde hoeveelheid,wan-
neer dezelve dagelijks aangebragt en vermeerderd wordt,
eene Hang gelijk, die men in zijnen boezem koestert,
doch die met zijnen gittigen angel het hart doorboort
en doodclijk kwetst. Wel is waar, dat zindelijkheid en
jiaauwgezeite oplettendheid het gevaar grootelijks ver-
minderen, en dat naauwkeurig gereinigde koperen va-
ten, die vol gegoten gebruikt worden, en waar in de
fpijzen of het water niet langer ftaan blijven, dan tot
het koken en opdisfchen noodig is, flechts een gering
3iadeei bedreigen; maar hoe zal men in groote keukens,
bij zorgelooze dienstboden, zooveel naauwgezetheid
verwachten? Ook ten aanzien der vertinningen moet
ïk aanmerken, dat deze bewerking niet genoeg her-r
haald wordt ; misfchien om eenen onaangenamen fmaak
voor te komen, welken de eerste, in nieuw vertinde va-
ten, toebereide fpijzen aannemen. Ook is dit zelfs niet
ponder gevaar : b. v. de vaders van het Oratorium te
, aten gezamenlijk van eene ragout, welke in eene
zuivere aarden pan was weggezet, en in eenè welvertin-
de braadpan ,, waaraan men geen kQperroest bcfpeuren
jvon, opgewarmd was; een fterke mist hadt alleenlijk
dien dag koperwerk eenigzins vochtig gemaakt.
Na