Boekgegevens
Titel: Natuur- en huishoudkundig handboek
Serie: Verhandelingen, uitgegeeven door de Nederlandsche Maatschappij: tot Nut van 't Algemeen ;, 15: 2
Auteur: Stant, Cornelius
Uitgave: Amsterdam: C. de Vries, H. van Munster en zoon, J. van der Heij, 1814.
Maatschappij: tot Nut van 't Algemeen.
Opmerking: Bevat: Antwoord op de prijsstoffe: Een natuur- en huishoudkundig handboekje / door Cornelis Stant
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-930
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206414
Onderwerp: Geneeskunde: voeding (persoonlijke gezondheidszorg)
Trefwoord: Voedingsstoffen, Voedselveiligheid, Voedingsleer, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Natuur- en huishoudkundig handboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
C la? )
voorlcomt, en welke, naar den fmaak opgemaakt, in
zoete, zure , wrange en bittere beftaat.
a. De Appelvormige vruchten, waartoe de gewone
Appelen, Peren, Perziken, Abrikozen, Pruimen, Vij-
gen en Mispelen behooren, maken, naar de gezegde
verdeeling , de eerfte klasfe uit , en bevatten eene
mergachtige zelfftandigheid , die min of meer los za-
menhangend is , naar mate de vruchten onderling
verfchillen , hetgene uit de vergelijking van een Per-
zik met een Kwetspruim, of zoete Kantjes-Appel;
van deze laatfte met een zure Wiltjes - Appel en zoo
vervolgens, gemakkelijk is op te merken. En hoezeer dit
voorzeker eenig verfchil in voedingskracht aanduidt,
zoodat de meest vaste foorten daarmede het rijke-
lijkst voorzien zijn , bezitten zij nogtans allen daar
van te weinig, om eenigzins daarop te kunnen reke-
nen , dewijl het alleen in een klein gedeelte fuiker be-
Itaat. De Vijg alleen zou hier eene uitzondering ma-
ken , dewijl zij de meest vlezige van alle de vruch-
ten is.
b. Minder vast , en dus ook nog minder voedend,
zijn de Bezie-vormige vruchten, waartoe ik Ker^fen,
Morellen, Druiven, Berberisfen, Aardbeziën, Flambo-
zen , Aalbeziën, Brummels en Moerbeziën brenge,
want deze allen bezitten geen eigenlijk merg , maar
een zuurachtig fap, dat oneindig minder zamenhan-
gend is. Ook bevatten zij minder fuikerftof, want zon-
der deze is hare bewaring bijna onmogelijk. Maar groo-
ter is het verkoelend en rotwerend vermogen, waar-
mede zij door den alverzorgenden Vader der Natuur,
Yijn toegerust, die de Fruiten daarom tot rijpheid deed
komen, in dat jaargetijde , waarin zij juist gefchikt
zijn, om de gevaren, welke de gezondheid der Aardbe-
woonders dreigen, af te weren, en alzoo tot een te-
gengift te doen dienen , tegen eene ziekte-oorzaak,
welke uit de zomerhitte oorfpronkelijk, altoos in hinder-
laag ligt, om ons aan te vallen. Ja! wij aanbidden
den goeden en wijzen Vader der Natuur, die, om
met VAN swiETEN te fpreken ,, bevolen heeft, dat
,, zij alsdan in overvloed aanwezig zonden zijn, wan-
,, neer de menfchen onder de lastige hitte van den Zomer-
„ zonnegloed gebukt gaan; het bloed tot zwartgallig-
,, heid neigt, en eene ontftekingachtige kwaadfappig-
,, heid dreigti dat zij tot in den herfst voortduren,
»» op.
I
! -A