Boekgegevens
Titel: Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Auteur: Funke, Karl Philipp; Bruining, Gerbrand
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1804-1805
Opmerking: Vert. van: Sittenspiegel für die Jugend. - 1800
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 355 E 5
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206287
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: overige
Trefwoord: Etiquette, Moraal
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Vorige scan Volgende scanScanned page
op PRAALHANS.
55
het ras der /choolhonden van Buo naparte.
Dat is een hond; om te — kusfeu l " Dan vangt
hy aan, om de.>zelfs fchoonheden en deugden, ftulc
voor ftulc, op te teilen, en houdt niet op van klap-
pen, voor dat hy ziet, dat niemand er meer op let.
Kortom, wat ook het onderwerp der gefprekken we«
zen moge, hy zoekt zyn waai-ulle li^. en alles, wat
van naby, of van verre, daartoe betreklyk is, in
het onderhoud te mengen. Wanneer, tot zyn ver-
driet, het gefprek zulk een keer neemt, dat hy vol-
ftrekt geenen nstuurlyken overgang tot zich niooglyk
vindt; dan breekt hy het plotsling af met een: A~
propos! Daar komt rny zoo even myn. — Kana—
rievogehje (als het niets anders wezen mag^ in de
gedachten! •
Het liefft'e fpreekt hy van z^'ne reizen. En hoe
dikwyls hy ook, in gezelfchappen, reeds daarvan,
tot walgens toe, verhaald heelt; hy komt doch altyd
wederom daarop terug, en weet het verhaiü telkens,
met eenig nieuw avontuur, te ververfchen, Zjn le-
ven lang, zal hy aan dien nacht denken, toen hy
gansch alleen door het zwaite woud reed, waar het
zoo donker was dat men geene hand voor de
oogen zien kon. Hier overvielen hem plotsling
drie roovers met groene rokken: maar hy greep
met de linkerhand zjti pistool, en Idnot den een
daaiTOee vlak voor den kop, zoo dat hy neeruiimel-
de. Den tweeden hieuw hy op hét zelfde oogenblik,
met den houwer, dien hy in de regterhand had, den
anii glad weg, waaimee die kerel hem aangrypen
wilde. En nu vlood de derde ylings terug, met
wien het anders nog veel erger zou zyn afgelopen.
Op eene andere reize was de wagen reeds op het
punt, om, van eene vreeslyke hoogte, in eenen af-
grond te ftorten, toen hy er plotsling affprong, en
hem nog juist ten regten tyde vatte en vasthield. An-
ders waren zy allen jammerlyk omgekomen.