Boekgegevens
Titel: Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Auteur: Funke, Karl Philipp; Bruining, Gerbrand
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1804-1805
Opmerking: Vert. van: Sittenspiegel für die Jugend. - 1800
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 355 E 5
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206287
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: overige
Trefwoord: Etiquette, Moraal
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Vorige scan Volgende scanScanned page
54 »» GROOTSPREKER
hoog opgevyzelde fterkte en dapperheid toonen moet,
ftraks den dans ontfprirgt, en dan zyne lafheid, met
eenigen fnaakfchen inval, bemantelt. Dan is het:
,, heden was ik juist niet op inyn kantoor, of^
het had op eene andere plaats moeten wezen:
maar daar voegde het niet, of; het zyn immers
toch maar Jchurken, En daarmee neem ik zoo
veel moeite niet."
Hy bezit eene byzondere vaardigheid, om zich
zeiven altyd tot het onderwerp van het gefprek te
maken. Want als hy niet van zich zeiven, en van
dingen, die betrekking tot hem hebben, Ipreken kan,
dan is hy flom. tn evenwel voert hy geem het
hongfle woord. 'Er wordt, op eenigen afftand, een
fchot gedaan, fia.' fpi-ingt hy op, dat was zeker-
lyk de jager G * *, die -vast weer een /later ge-
maakt hee/t. Ik begryp niety hoe het bykomt,
dat de man too dikwyls mis /chietl Ik zou my
/chamen, zoo ik niet beter/chieten kon; o//choon
ik geen gedres/eerde jager ben. Den kleen/ten
vogel /chiet ik van een toren a/; maar anders,
cis zy eoo hoog niet zitten, jaag ik ze gemeen-
lyk eerst op, en dan 'onderhaal ik ze in de vlugt,
•Slechts eens herinner ik my mis ge/choten te heb'
ben, en dat was in den aanvang, toen ik nog
niet lang met /chietgeweer omgegaan had, JNit
heb ik ook voorcre/lyke geweren, Vervolgends telt
hy ze allen op, en verhaalt, hoe veel liem het eene
en het andere kostte, door welken beroemden meefter
het eer.e of het andere vervaai-digd werd, of van
welken voornamen man (^want hy heeft altyd veel
met groote lieden _ te doen,) hy dat of dat geweer
ten gefchenke bekomen heeft, enz. By eene andere
gelegenheid gewaagt iemand \'an een klein lief Bolo-
gneesch hondje, dat onlangs, tot leedwezen van zyn
geheele huisgezin ftierf. „ gy myn kleenen
vfindhond met? zegt hy oogenbliklyk; By is uit
het