Boekgegevens
Titel: Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Auteur: Funke, Karl Philipp; Bruining, Gerbrand
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1804-1805
Opmerking: Vert. van: Sittenspiegel für die Jugend. - 1800
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 355 E 5
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206287
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: overige
Trefwoord: Etiquette, Moraal
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Vorige scan Volgende scanScanned page
30 DE MORSIGE.
en draad gebruikt. Eens werd zy, met hare moeder,
door een vriend te gast genoodigd. Toen zy zich aan-
kleedde fcheurde aan een van hare rokken de haak
los , waar mee de rok , boven de heup , pleegt te
worden vast gehaakt. Terllond nam zy, eer demoe-
der het gewaar werd, een paar fpelden , en ftak den
rok daarmee toe. Zoo ging zy op weg , zonder te
vermoeden , welk eene befchaming haar wachtte. De
fpelden werden door de beweging, zoo als natuurlyk
was , onderweg al losfer. En juist, toen zy in de
kamer, waai- een aanzienlyk geral van gasten byeen
was, binnen trad, en haar kompliment maakte, gleed
de rok af. De lustige' fpotvogels order de gasten,
vongen een luid gelach aan. En zy week befchaamd
in een ander verti-ek.
Deze liederlykheid en neiging tot morfigheid neemt,
met de jaren, toe. En te beklagen is elke huishou-
ding , waar de huisvrouw , in haar opwasfen, eene
inorsfebel was. Want zoo lang zy nog onder het op-
zigr vaii ouderen ftond , en byzonderlyk , zoo lang
zy nog te vreezen had , dat zy geen man zou ki-y-
gen, liet zy haren aanleg tot vuilheid ten minfte niet
openlyk blyken. Maar nu wei-pt zy allen dwang af,
en verfchyntj zonder fchaamte, in hare eigenlyke
gedaante. Tot aan den middag wandelt zy rond , als
een levende vogelfchrik. En wanneer zy dan al be-
fluit, om haar fmullig nachtgewaad met daaglykfche
kleederen te verwisfelen , zoo worden dezen toch ook
meer omgehangen , dan ordelyk aangetrokken. Hiu-e
woonkamer gelykt wel een ftal; haar fiaapvertrek een
leger van heidenfche landlopers ; en men behoeft ha-
re keuken flechts eenmaal gezien te hebben, öm voor
altoos den lust te verliezen, om aan hare tatèl te fpy-
zigen. Verbazen moet men zich over de onbedeesd-
heid , waarmee zy dat alles weet te verontfchuldigen.
En men is verlegen, hoe men zich in zulk een huis
aanftellen zal, om zynen tegenzin niet al te zeer te la-
ten