Boekgegevens
Titel: Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Auteur: Funke, Karl Philipp; Bruining, Gerbrand
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1804-1805
Opmerking: Vert. van: Sittenspiegel für die Jugend. - 1800
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 355 E 5
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206287
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: overige
Trefwoord: Etiquette, Moraal
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Vorige scan Volgende scanScanned page
ia8 DE VERSTROOIDE.
wyls iets, waarin een of ander lid van het gezelfchap
noodwendig eene fpotrede of fchimpfcheut op zich
moet vinden , oflthoon de fpreker werklyk in geenen
deele daar aah dacht. Hy gewaagt, by voorbeeld,
Vrn ligchaams geb/eken, die éeri of ander lid van het
gezelfchap^ aan zich heeft, hy fpot daarihéde, en
vindt daar in kenmerken van ziels gebreken, Hy
fpreekt juist niet mét veel roem vaii een afwezigen, zon-
der te bédenken, dat eenigéii van deszelfs naaste
bloedverwanten in het gezelfchap zyn.
■ Hy bênadelt zich intusfchen ook fiog öp eéne ande-
re wyze». Al wilde men hier by niet in aanmerking
nemen, dat -de verftrooide altyd zeer onordelyk eïi
nalatig is, en dienvolgends zynt zaken in de war laait
loopèn; zoo bederft hy ook dikwyls daadlyk het een
of ander. Hy heeft een düür boek gekocht, en wil
het nu naar den boekbinder zenden, maar wordt met
ontfteldtenis gewaar, da:t er eenige bladen aan ontbre-
ken. Kort te voren had hy papier noodig, om daar-
in iets te pakken , én fcheurde hy die bladen uit dalt
boek, om dat hy hét juist het na:aste by de hand
had. Een ongeluk, welk hem dilcwyls bejegent, is,
dat hy in plaats van dén zand- den inktkoker gry'pt,
en boven zyn gefchryf omkeert en uitfchudt. Ook
verwisfeit hy dikwyls, als hy meer dan eenen brief
fchryft, die brieven met eikanderen , en fteekt de-
Xelven in verlceevdé enveloppes; het géén dikwyls zeer
radeelig vooir hem wezén kan.
De verftrooide zal hét in geenerlei vak ver brengen.
Hy is met zyne gedachten niet by het tegenwoordi-
ge , maar by gansch andere dingen, bepaald. Hy
luistert dus niet naar het geen , zyn leermeesters hem
voor houden , en denkt dikwyls ook niet na over het
geen hy leest. Uit dien hoofdé is hy reeds niet zeer
gefchikt voor eenige bezigheid. Echter zoii het mis-
fchien nog mooglyk zyn , dat hy eenig ambt behoor-
lyk waarnam , als hy zich zyne verftrooijing flechts
af-