Boekgegevens
Titel: Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Auteur: Funke, Karl Philipp; Bruining, Gerbrand
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1804-1805
Opmerking: Vert. van: Sittenspiegel für die Jugend. - 1800
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 355 E 5
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206287
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: overige
Trefwoord: Etiquette, Moraal
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Vorige scan Volgende scanScanned page
.20 KLAPPER.
In kinderen en oude menfchen, als mede in vrou-
wen, verfchoont men gecni eenige klapachtigheid. In
de eerften, om dat zy nog niet gelee,rd hebben, zich
ia ftilte te bedenken , maar alles voor den dag. bren-
gen , wat hen invalt, en om dat hun gebrek aan be-
iioorlyke overweging die klapachtigheid, even als meer
aiulere dingen, verontfchuldigt. Aan de tweede geeft
ec!ïe lange ondervinding het regt, om iets meer mede
te fpreken. Na eert werkzaam leven hebben zy mst
en uitfpanning noodig, welke zy het lieffte, in herin-
nering van verloopene dagen, zoeken. En wie zou hen
de infchiklykheid weigeren, van een geduldig amhoo-
ren hiinner gefprekken, wfiaruit men toch altyd iets kan
keren? Vrouwep hebben eindelyk het privilegie van
veel te fprelcen. En zy moeten deze gewoonte bykans
aannemen, wanneer zy in eenig aantil byeen zyn, daar
heure meeste werkzaamheden enkel wcrktuiglyk, zon-
der veel infpanning des verftands ten uitvoer ge^agt
worden. — Intusfchen wordt eene eeuwige babbelaar-
fter ook niet hoog geacht. Het allenninfte voegt deze
verkeerdheid aan een man. En gansch onverdraaglyk
is zy in een jongeling. In dezen ouderdom inoeten wy
leercn en kundigheden inzamelen, en ons tot onze toe-
komftige bellemming bekwaam maken ; doch dit kun-
nen wy alleen doen door vlytig hooren. En die eeu-
wig zelf klapt, is niet in ftaat, om veel te hooren. Wat
kan een jongeling ook aan verftandige mannen zeggen,
dat zy zeiven niet reeds beter weten? Wanneer een jon-
geling dan evenwel opmerkzaamheid van hen verwacht,
f.n vordert, hajidelt hy buitenfporig, cn verraadt een
hoogen trap van ti-otschheid, en eigenliefde, w^lke ver-
keerdheden , op alle mooglyke wyze , onderdrukt en
verootmoedigd, en door geen ontydigen lof, door geen
aanzien van rang of ftaat, noch door een onderwys ,
dat voor de vermogens van dien ouderdom niet bere-
kend is, moeten worden bcgunftigd en aangekweekt.
xxin.