Boekgegevens
Titel: Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Auteur: Funke, Karl Philipp; Bruining, Gerbrand
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1804-1805
Opmerking: Vert. van: Sittenspiegel für die Jugend. - 1800
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 355 E 5
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206287
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: overige
Trefwoord: Etiquette, Moraal
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handboek van welgemanierdheid en zedelykheid, in karakter-schetsen: vooral ten dienste der jongelingschap
Vorige scan Volgende scanScanned page
»E KLAPPER. 119
kan hy onmooglyk alles, wat hy zegt, bchnorlyk
overwegen. Ën daarom gaat er meenig woord over
zyne lippen, dat anderen alzins verdrieten en henn-
deelen moet. Intusfchen moet men dit zoo geheel eu-
vel niet nemen , daar men zoo duidlyk ziet, dat hy
geen toeleg had, om kwaad te doen. Maar eene an-
dère gewoonte brengt hem en andern ve^:l nadeel toe.
En dit is zyne gewoonte, om alles over te brengen.
Alles, wat hy van een of ander mensch gehoord
heeft, het zy van hem zei ven, of van anderen, het
zy goed , of kwaad, onverfchillig of belangryk , dat
moet hy aanftonds wederom vertellen , en wel aan ie-
deren bekenden , die hem ontmoet, zonder eenig on-
derfcheid. Elk historietje, dat hy, van eenige iami-
lie, vpnieemt, en wat vemeeint hy niet ? dat moet
de ganfche ftad weten. En wat is natuuriylcer, dan
dat, daar uit, alleriei vyandfchappen en twisten ont-
ftaan , die dikwyls ook , zoo als biilyk is , op hem
te rug werken , die er de eerfte aanleiding toe gaf.
Hy heeft daarvan reeds meenigerlei onaangenaamheid
gehad : maar hy laat zich , daar door , niet waar^
fchouwen, want hy zag eene zoo onuirputlyke bron
voor zj-ne klapachtigheid niet geern voor hem verftopt^
■ Dat zoodanig een mensch volftrektlyk geene gehei-
men bewaren kan, fpreekt van zelf. Die hem tot zy-
iren vertrouwling kiest, betoont zich even zoo fchran-
der, als of hy zyne geheimen, midden op eene markt,
uitroepen liet. Zyne eigene openhartigheid, en zelfs
z^Tie klapachtigheid, kan wel tot vertrouv\ lykheden
jegens hem verleiden , door dien hy , van zyn ge-
voel van de zaligheid van liefde en vriendfchap zoo
fchoon , en zoo vloeijende, fpreekt, als of hy het
itit den besten roman van buiten had geleerd ; maar
juist hieruit moet men mistrouwen jegens hem opvat-
ten. Die immers werklyk zoo diep gevoelt, Ipreidf
zyne gewaarwordingen niet zoo overal ten toon, en kan
zelfs, in de heiligftc ooge"blikken, daarover zoo niet
uitweiden. H 4 üi