Boekgegevens
Titel: Gronden der natuurkunde, getrokken uit het Natuurkundig schoolboek
Serie: Stukken het schoolwezen betreffende, 10: 5
Auteur: Buijs, Johannes
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon
Deventer: J.H. de Lange
Groningen: J. Oomkens en zoon, 1818
Maatschappij tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Z 435 : 10 (5)
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206108
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gronden der natuurkunde, getrokken uit het Natuurkundig schoolboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
68 CaONBEN DER
S. lOI.
De ff''tg of Beitel is een driehoekig werktuig,
even als twee Hellende vlakken, die te zamen ge-
voegd zijn: men noemt de bovenfte zijde den kip of
rug, en de loodlijn de hoogte. Op den kop der Wig
wordt de magt aangewend, om dezelve in ligcha-
men le drijven, ten einde die vaneen te fcheiden.
S' 102-
In de Wig, welke de gedaante van twee Hel-
lende vlakken legen elkander heeft, werkt de las^
eveDwi.idig aan de hoogte, en vandaar is, evetï
als in het Hellend Vlak, de magt tot den last in
de Wig als de halve rug of kop tot de hoogte.
{Vrocf 7net eene Wig, ah bij musschencroek,
t. I. pi, 7' jig' II.)
S' '03'
De Schroef is een draaa, welke evenwijdig ona
eenen cilinder of rol gellingerd is, beweegbaar in
een' hollen cilinder, waarin kepen of uithollingen
zijn, in dewelken deze draad past. De eerde
wordt vaar • eo de tweede meerfchreef genoemd.
S- I04.
Daar de Schroef eene gedurige helling is, tegen
dewelke, met eenen Hefboom, een ligchaam wordt
opgevoerd, zoo ftaat in de Schroef de magt tot
den last als de wijdte van iederen fchroefdraad
tot den omtrek van de krnk of boom der
Schroef, waarmede men opfchroeft; want terwijl
het ligchaam, dat den last uitmaakt, de wijdte
van eenen fchroefdraad rijst, moet de kruk of
boom van de Schroef den geheelen cirkel van eene
omdraaijing doorloopen.
Alvorers wij de verklaring der enkelvoudige
werktuigen befluiten, zullen wij nog niet een woord
ge.