Boekgegevens
Titel: Nederduitsche spraakkunst
Auteur: Weiland, Pieter
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1820
Nieuwe door den auteur zelven overziene en verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 700 : 1820
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206030
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederduitsche spraakkunst
Vorige scan Volgende scanScanned page
220
(nederduitsche
zal ik mij op de beoefening der geneeskunde toeleggen,
voor; wanneer mijn vader het begeert, zal ik enz.
De Maas reeds zonder ijs zijnde, vertrok ik met een
schip, voor: daar de Maas reeds zonder ijs was,
zoo vertrok ik enz.
3. Wanneer het onzeker wordt, waarop het bij-
voegelijke naamwoord, of deelwoord, zijne betrek-
king heeft, als: in diepen rouw gedompeld zag ik
haar bij het lijk van haren Echtgenoot nederknielen,
voor: ik zag haar, in diepen to'iw gedompeld, bij
het lijk enz.; dewijl anders in rouw ge'lompeld, het-
welk , volgens ae bedoeling op haar moet slaan, vol-
gens den aard der tale ook op het onderwerp der
rede ik betrekkelijk gemaakt zou kunnen wordeni
2.00 ook: vliedt de ondeugd, zwart als de duisternis
der nacht en in de hel geboren, voor; vlied de on-
deugd, welke zwart als de duisternis der nacht en in
de hel geloren is. Ik verliet haar van weedom schrei-
jende, voor: ik verliet haar, terwijl zij van weedom
schreide,
I
7. Over de perioden.
283. Iedere zin bevat eene "volledige voorstel-
ling, of uitdrukking van eene gedachte, welke aan
het einde met een punt, of stip gesloten kan wor-
den. Wordt dezelve, enkelvoudig, of zamengesteld
zijnde, aanmerkelijk verlengd; of liever, vvorden
verj
O Zie ook §. II?.