Boekgegevens
Titel: Nederduitsche spraakkunst
Auteur: Weiland, Pieter
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1820
Nieuwe door den auteur zelven overziene en verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 700 : 1820
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206030
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederduitsche spraakkunst
Vorige scan Volgende scanScanned page
»C340
nederduitsche
voor zij is yocggcgaan. En, schoon den dichte-
ren , ten aanzien van de omzetting en verplaat-
sing der woorden, hunne vrijheden niet mogen
betwist worden, is echter de volgende woord-
schikking af te keuren:
h'ie zwijgt nu, daar al land aan zijne deugd
verphgt.
En zeetryareuhtid het lijk volgt wijd of dicht ?
in plaats van; daar al 't land, aan zijne deugd en
zeeërvartrthcta verpligt enz., terwijl anders de zee-
ervarenheid het lyk schijnt te volgen.
264. Inzonderheid mogrn de bijvoegeliike
naamwoorden of deelwoorden niet, door tusschen-»
voeging van een ander zelfstandig naamwoord,
gescheiden worden van de zelfstandige naamwoor-
den , waartoe zij beheoren, bij voorbeeld: terne-
der geshgen en in droefheid verzonken, hebf gij,
0 vrede! het menschdom weder vertroost en opge-
beurd; alwaar de beide deelwoorden ter neder ge-
slagen en in droefheid verzonken, overeenkomstig
met den aard der Nederduitsche woordschikking,
tot vrede zouden behooren, terwijl de bedoelde zin
dezelve alleen tot menschdom betrekkelijk maakt.
Men zegge derhalve: gij hebt, 0 vrede! het ter
neder geslagen en in droefheid verzonken menschdom
weder vertroost en opgebeurd.
265. Dikwerf wordt, door eene verkeerde
plaatsing van de betrekkelijke voornaamwoorden
ver-