Boekgegevens
Titel: Nederduitsche spraakkunst
Auteur: Weiland, Pieter
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1820
Nieuwe door den auteur zelven overziene en verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 700 : 1820
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206030
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederduitsche spraakkunst
Vorige scan Volgende scanScanned page
220 (nederduitsche
89. 2. Zou het bezittelijke voornaamwoord
eeue misvatting kunnen veroorzaken, dan wordt,
in de plaats daarvan, deszelfs of" derzelver gebe-
zigd, bij voorbeeld: hi], die God liefheeft, houdt
deszelfs geboden; waar zijits tot hij zou kunnen ge-
bragt worden. Titius meldt zijnen vriend, dat hij
deszelfs héls verkocht heeft ^ nameliik des vriends
huis. Hij zag den veldheer deszelfs krijgsknechten
aanvoeren', hij hoorde Damon op deszelfs fluit spe-
len (niet zijne'). De krijgsoversten gaven den sol-
daten vrijheid, derzelver vrouwen mede te voeren^
(niet hunne). Mijn zoon is ondergeschikt aan zijnen
meester, maar bestiert de gansche school, in deszelfs
afwezendheid.
90. 4. Levenlooze dingen hebben ook dik-
werf, vooral in den verheven stijl, het aanvvy-
zende voornaamwoord deszelfs, of derzelver, bij
zich, bij voorbeeld: dat is een schoon huis', wie is
deszelfs bezitter, of de bezitter van hetzelve? Dc
omtrekken van eenig ding stellen ons deszelfs gedaante
voor oogen.
91. De mijne, het mijne, de uwe, het uwe
worden ook, zonder betrekking op eenig naam-
woord, als zelfstandig gebezigd, bij voorbeeld: ik
heb het mijne gedaan, doe gij het uwe, fVij gaven
van het onze, zij van het hunne. Zoo ook de mij-
nen, de uwen, de onzen, de haren enz., in hec
meervoud, voor mijne, uwe, onze, hare, aanhoo-
rigen.
S» p2. Eindelijk worden de bezittelijke voornaam-
WOOf-