Boekgegevens
Titel: Nederduitsche spraakkunst
Auteur: Weiland, Pieter
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1820
Nieuwe door den auteur zelven overziene en verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 700 : 1820
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206030
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederduitsche spraakkunst
Vorige scan Volgende scanScanned page
an
neder.düitsche
48. Zijn twefc met eh vefbondèHe bijvoegelij-
ke naamwoorden van eenen en denz(^fden uitgang
zamengesteld, dan laat deze uitgang zich, in den
vertrouwelijken spreektrant, aan het eerste afkap-
pen , tervvijl déze weglating door een dwarsstreep-
je aangeduid wordt, bij voorbeeld: een goud- en
vischrijke rivier^ eene üit- en inwendige geivaar-
wording.
49. Wanneer twee bijvoégejyke naamwoorden
bij elLahdéf é^plaats worden, en het eene geene
regtstreeksche betrekking op het zelfstandige naam-
woord heeft, maar eigenlijk de hoedanighéid van
het volgende bijvoegelijke naamwoord aanduidt,
dan komt hfet eerste bijvoegelijke naamwoord als
een bijwoord voor, en blijft onverbogen, bij voor-
beeld : helder schoone glazen; donker bruine oogen}
eene gansch bijzondere zaak, enz. (*)
50. Het bijvoegelijke naamwoord laat zich
ook van zijn zelfstandig naamwoord scheiden,
wanneer hetzelve nog een ander bijvoegelijk naam-
woord bij zich heeft, als: de geheele met ons ver»
heugde buurt\ hij was een lieve, tegen alle men-
schcn vriendelijke jongeling. Hierbij moet men ech-
ter in het oog houden , dat dikwerf eene omschrij-
ving noodzakelijk is, wanneer, namelijk, de zin
anders te lang zijn, en eene onaangèname stooting
zoude veroorzaken^
S- 5i.'
(♦) 1« TEN KATI, AanUiiins. enz.» Ó I. bl. sSo'.