Boekgegevens
Titel: Nederduitsche spraakkunst
Auteur: Weiland, Pieter
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1820
Nieuwe door den auteur zelven overziene en verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 700 : 1820
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206030
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederduitsche spraakkunst
Vorige scan Volgende scanScanned page
SPRAAKKUNST. 83
«/, het heelal, In sommige gevallen echter kun-
nen de voornaamwoorden, die, deze, welke enz.
voor hetzelve staan: die allen, enz.; ook, wan-
neer al, alles zelfstandig genomen wordt, als: hij
dit alles, welk alles, enz.
3j8. Het wordt in verscheidene betrekkingen
gebezigd. Fosr eerst , in eenen verdeelenden zin,
om eene veelheid, of algemeenheid van getal aan
te duiden, in opzigt tot de verscheidene enkele
dingen van eene zekere soort, welke als zamen-
genomen moeten voorgesteld worden; in welk ge-
val het met zijn zelfstandig naamwoord, of per-
soonlijk voornaamwoord, alleen in het meervoudi-
ge getal staat: alk menschen moeten sterven. De
vergankelijkheid aller dingen. Dat zeggen zil allen.
Zij allen, die dit zeggen, U aller vriend, — ons
aller vader enz.
S' 339' Uit de boven aangevoerde voorbeelden
blijkt, dat alle voor het zelfstandige naamwoord,
en achter het voornaamwoord geplaatst wordt.
Somtijds staat het ook eenigzins van het voor-
naamwoord verwijderd: wij zullen allen sterven , —
zij mogen ditmaal niet allen te gelijk komen, enz.
§• 340»
(*) Dikwerf leest men; uw aller vriend , onze aller moeder,
uwer aller vriend, enzer aller moeder enz., doch verkeerdelijk,
dewijl het voornaamwoord hier onverbogen blijtit, even als, in
dergelijk geval, bij sommige zelfstandige naamwoorden plaats
heeft, bij voorbeeld: Keizer Kareis wetten, dat is de wel ten
van Keizer Karei. Zoo ook a aller vriend, ons aller moeder,
dat is de vriiad van u allen, de moeder van ons allen.
M 4