Boekgegevens
Titel: Nederduitsche spraakkunst
Auteur: Weiland, Pieter
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1820
Nieuwe door den auteur zelven overziene en verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 700 : 1820
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206030
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederduitsche spraakkunst
Vorige scan Volgende scanScanned page
S P Pv A A K K U N S T.
73
ring ondergaan, kunnen zij echter in meer betrek-
kin^n en omstandigheden geplaatst worden, en
zijn derhalve voor meer naamvaUen vatbaar^ wel-
ke door de lidwoorden de^ het ^ een ^ eene ^ aange-
duid worden; terwijl de voorzetsels van^ aan^
door ^ tot ^ met^ in ^ uit ^ naarcuz.^ tevens de
becrekkingin aanwij/.en, waarin de Zelfslandige
naamwoorden voorkomen.
147. Daar de naamvallen voornamelijk door
de lidwoorden aangeduid worden, is het niet moei-
jelijk, het getal der Nederduitsche naamfallcn te
bepalen (*). De en een hebben alleenlijk dezt
verbuiging:
Dcs^ eenes^
Der ^ eener ^
Des, ecncs,
Den, eenen,
De ^ dcr^ eene ^ eener ^
Den^ het^ eenen j een^
Den 5 eenen ,
De ^ eciie^
llct^ een. {De^ in het meerv., der en den,^
En deze lidwoorden, in de zamenstelling eener
rede, voor zelftitanJige naamwoorden gevoegd,
wij-
(*) Ten naauwste genomen, zegt l. ten kate, D. I, bl.
S27 5 ZOU men kunnen zeggen , dat onze voorouders niet meer,
dan vier naamvallen onderscliiJidenJijk gebruikt hebben; want de
nominativus en vocattvus , gelijk ook de dativus qx\ abÏMtivusy
waren bij hen dezelt'de. Zie verder de inleiding voor mijn
T^sdcr^uitscb taalkundig ■woêrdinbock ^ bl. S5 en Vcrv.
E 5