Boekgegevens
Titel: Volapük, dat is de wereldtaal: spraakkunst
Auteur: Schleyer, Johann Martin; Bruin, Servaas de
Uitgave: 's-Gravenhage: IJkema, 1884
Arnhem: G.J. Thieme
Opmerking: Vert. van: Volapük. - 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 533 H 31
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205876
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: kunstmatige wereldtalen
Trefwoord: Volapük, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Volapük, dat is de wereldtaal: spraakkunst
Vorige scan Volgende scanScanned page
133
F u t u r u m (po tap),
olöfun, beminnen zullen.
Fut. exact., (putüp).
nlöf 'ón, bemind zullen hebben.
G e b i e d e n d e r w ij s (hüdahidih)
löfönöd, beminnen (maar toe beminnen)!
I§»lipinilin (diseinaUd).
al löfün , te beminnen , oiU te beminnen.
al ailöfön, om duurzaam te beminnen.
al alöföii, om er een te zijn , die beminde.
al elöfön, om bemind te hebben.
al ilöföti, om er een te zijn, die bemind had.
al ólöfim, om te zullen beminnen.
al ulöföu, (om bemind te zullen hebben).
Ueelwoord iLadyehaUd).
Tegenwoordige tijd (patüp).
Enkelvoud {banum)
fö/öl, beminnende :
löfohöï, ik beminnende (pl ïöföl).
löfolöl, gij beminnende,
löfomiil, hij beminnende (een beminnende).
Vófoföl, zij beminnende (eene beminnende).
löfos'ól, het beminnende (een beminnend iets).
lo/onöl, een beminnend iemand.
lofomok'ól, een zich zeiven beminnende.
löfofoh'ól, eene zich zelve beminnende.
lófons'ól, u (= gij) beminnende.
Meervoud (phmum).
l'oföh, beminnenden.
löfobsöl (löfohöU), wij beminnenden (obs löf'óï)
löfolsöl, gij beminnenden.
löfomsöl, zij beminnenden (die beminnende mannen).
lófofsól, zij beminnenden (die beminnende vrouwen).
dfobsokdl {löfoboksöl), wij ons zeiven beminnenden.