Boekgegevens
Titel: Eerste(-tweede) vijftigtal leerrijke verhalen ontleend van de Nederlandse spreekwoorden: ten dienste der scholen
Deel: 1e vijftigtal
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Groningen: A.L. Scholtens, 1855
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 679 G 63
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205567
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste(-tweede) vijftigtal leerrijke verhalen ontleend van de Nederlandse spreekwoorden: ten dienste der scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
61
lezit zijner schoone en groote hoerdery geweest was, eisch-
ten de schuldeischers oogenblikkelijk betaling van hem.
Baar Theodoor zich niet in staat bevond, om hieraan
te voldoen, en niemand hem geld op interest durfde geven,
zoo moet zijne plaats met de landerijen ontijdig verkocht
worden. Baar zij naauwelijks de helft der inkoopprijs
weder opbragten, was Theodoor nu in een .oogenblik
van al zijne bezittingen beroofd en genoodzaakt, een klein,
huisje te huren en als boerenarbeider een sober bestaan te
zoeken.
Zijn buurman Thomas was, met bzhulp van een ver-
mogend man bezitter geworden van eene boerderij van ter
naauwernood veertig bunder. Beze werkte slechts een
vierde gedeelte van hetgeen Theodoor deed, maar hield
daarentegen een naauwlettend oog op zijn volk, op zijn
vee en op zijn land. Bes avonds gaf hij bevelen, wat
ieder zijner knechten, arbeiders of werkmeiden op den
volgenden dag verrigten moest, en des morgens was hij
tijdig bij de hand, ging bij al zijn volk rond, zag, of
zijne bevelen goed uitgevoerd werden , wees aan, wat
verbeterd moest worden, prees de vlijtigen, en bestrafte de
achteloozen en tragen. Verder zorgde hij, dat de paar-
den niet mishandeld werden, was bij de voedering van
zijn -vee tegenwoordig, liet twee maal daags zijn op het
land loopend vee tellen, was hij het eten van zijn volk
tegenwoordig, opdat daar alles matig en ordelijk toeging,
gaf aan zijn volk goeden kost en een behoorlijk loon , en
was daardoor in staat, om het beste volk in zijne dienst
te hebben.
Ofschoon Thomas bij de aanvaarding zijne boerderij
aanmerkelijk met schulden had bezwaard , wist hij het in
korte jaren zoo ver te brengen, dat de schuld afgelost werd
en de boerderij hem volkomen in eigendom behoorde, en
thans mag hij onder de vermögendste landlieden van het
geheele dorp geteld worden.
„ Hoe komt het toch," 'zeide Theodoor eens tot Thomas