Boekgegevens
Titel: De lofzangen Israels, waaronder de Heere woont: zijnde eenige geestelijke liederen
Auteur: Groenewegen, Johannes; Groenewegen, Jacob
Uitgave: Amsterdam: Van der Linden, 1879
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2963
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205513
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: liturgie
Trefwoord: Geestelijke liederen, Liederen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De lofzangen Israels, waaronder de Heere woont: zijnde eenige geestelijke liederen
Vorige scan Volgende scanScanned page
ISRAELS 87
Dat Ik u gewis zal leiden,
Naar mijn raad in alle kruis.
Tot dat gij van hier zult scheiden,
. Kn ik u zal halen thuis,
11, Nu mijn ziel! onthoud dat woord
Uit des Heeren mond gehoord,
En zoek door geloof en hopej),
Moedig en met lijdzaamheid,
Regt op Kanaan aan te loopen,
Tot het einde van de strijd.
Hooglied 1: 4. Trek mij en ik zal U
naloopen.
Stem: Geeft een aalmoes voor den blinden
1. 3 7 sta Lied.
Liefste Jezus! heil en leven!
Sterke God! Emanuel! '
•Wilt mij levensl^rachten geven,
Oat mijn gang en voeten snel,
Loopen voort gelijk de hinden.
Naar 11 heen mijn Zielsbeminde,
Op den Weg door U bereid,
Van geloof en van geloof en.
Van geloof en heiligheid
2. Ach w^aar zou ik henen vlugten,
In mijn rragteloozen stand,
Die niet bidden kan of zuchten.
Zonder trekking van uw hand;
'k Heb geen licht noch ziele oogen.
Noch begeerten of vermogen,
'k Kan mijn hart tot Godes Zoon,
Niet verheffen, niet verheffen,
Niet verheffen tot uw troon.
3. Ach, mijn voeten zijn gebonden,
Aan de aarde en mijn hart
7