Boekgegevens
Titel: De lofzangen Israels, waaronder de Heere woont: zijnde eenige geestelijke liederen
Auteur: Groenewegen, Johannes; Groenewegen, Jacob
Uitgave: Amsterdam: Van der Linden, 1879
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2963
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205513
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: liturgie
Trefwoord: Geestelijke liederen, Liederen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De lofzangen Israels, waaronder de Heere woont: zijnde eenige geestelijke liederen
Vorige scan Volgende scanScanned page
ISBAELS. 51
Gij stroom van algenoegzaamheid
Van liefde heil en vreden;
Gij zijt volzaJig in uw deugd,
Gij leeft in eindelooze vreugd.
En Gij hebt uiet van nooden
Van menschen hand te zijn gediend,
Alzoo Gij alfes goed verleent,
En 't leven geeft aan dooden.
2. Nogtans zoo hebt Ge een eeuwig lust
Tot grondeloos erbarmen.
De brand uws toorns is gebluscht,
Gij wilt uw volk omarmen;
Een arm verloren Adamskind,.
Dat zich geheel wanhoopig vindt,
Heeft maar naar Hem te vlugten.
Die Gij gegeven hebt tot Borg,
En wordt b^evnjd van eeuwige zorg-.
Daar is geen vloek te duchten.
3. Welzalig die regt arm en naakt
Tot Jezus is gevloden.
Die in de vrijstad is geraakt.
Die elk wordt aangeboden,
Welzalig die met al zijn nood,
'Dan toevlugt neemt tot Jezus dood
En schuilt in zijne wonden:
Hoe vrij en veilig en gerust,
Is zoo een heil dan wordt gebluscht,
Den naren dorst der zonden,
4. O arm verloren volk grijp moed
Hij is vol zaligheden,
Ach Jezus zeg: mijn dood en bloed.
Verdient uw eeuw,ge vreden;
Grijp in geloof de hoornen aan,
Vau dezen altaar gij zult staan.
Gerust in Gods gerigte:
•werp u met al uw schuld op Hem,