Boekgegevens
Titel: De lofzangen Israels, waaronder de Heere woont: zijnde eenige geestelijke liederen
Auteur: Groenewegen, Johannes; Groenewegen, Jacob
Uitgave: Amsterdam: Van der Linden, 1879
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2963
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205513
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: liturgie
Trefwoord: Geestelijke liederen, Liederen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De lofzangen Israels, waaronder de Heere woont: zijnde eenige geestelijke liederen
Vorige scan Volgende scanScanned page
AANHANGSEL 115
Bewaren voor bet eigen ik
Ik voel des ijdelheids gedachten,
Gednrig in mijn geest vernachten
5. Mijn hart vervoerd door sclioonen scliijn
Van dingen die geen God en zijn
Zit vaak verward in zondenbanden
Ach! bindt mij met uwe liefdehanden.
6. Mijn mond en tonge is besmet,
Mijn zonde tegen''s Heeren wet
En al mijn doen is vol van zonden
Zou ik in Jezus zijn gebonden?
7. Zoo raakt mijn ziele vaak in strijd
Of ik Gods beeld in heiligheid
Deelachtig ben en regt herboren
En doet mijn zielevrede storen
8. En echter zegt mijn hart o Heer
Gij weet mijn innig zielsbegeer
En dat de zonde van mijn harten
Mij zijn tot bitterheid en smarte.
9. Dat ik, U Heer al waardig ken,
F.n aller zonden vijand ben.
En met mijn hart heb onderschreven
Uw wet om eeuwig tiaar te leven.
10. Ach dat Gij door uw Geest en kracht
De zonde in mij ten ouderbragt
Roei uit mijn hart dat is mijn bede:
Den wortel der verdorvenheden.
11. Ach leer mij die verdorven wel
Van mijn vijandig hartgestel.
Gedurig zien en te allen tijden.
Door geestes kraclit daar tegen strijden
12. Regeer mijn hart door geest en woord
Als een die Gode toebehoord
hn laat ik toch uw beeld vertoonen
fn Christus iu miju harte wonen.