Boekgegevens
Titel: M. A. de Ruiter: een leesboek voor de scholen
Auteur: Altmann, H.; Staveren, J.S. van
Uitgave: Amsterdam: Ten Brink en De Vries, 1839
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1162 J 46
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205373
Onderwerp: Geschiedenis: geschiedenis van Europa
Trefwoord: Ruyter, Michiel Adriaensz de, 1600-1700, Admiraals, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   M. A. de Ruiter: een leesboek voor de scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 27 ) -
de zich niet, om in tegenwoordigheid van al zijne officie»
ren en manschappen eenen man te begroeten, die hein
als bootsmansjongen gekend had , en hem vriendelijk en
voorkomend te behandelen. Welk eene tegenstelling
maakt de ruiter hier niet met dezulken, die het niet
willen weten, dat zij kennis aan n^enschen hebben, welke
vroeger in nederiger stand met hen verkeerd hebben.
De goede Neger, die onder de zijnen tot Onderko- .
ning verheven was, sprak bij elke gelegenheid van dit
voorval, en roemde alsdan de edelmoedigheid en min-
zaamheid van de ruiter ; terwgl hij zich , niet weinig
op de vriendschap van dien beroemden man liet voor-
staan.
Leering. Vriendelijkheid jegens minderen verwekt liefde en
achting. He trotsclie verwydert de harten der men-
schen vaa zich.
ZESTIENDE LES.
De ruiters regtvaardigheid.
Even voor dat de Admiraal de kust van Guinea ver-
liet , om naar het vaderland terug te keeren , gaf hij
nog een bewijs van zijne regtvaardigheid en menschlie-
vendheid, waardoor hij eenen ongelutkigen op de harte-
lijkste wijze aan zich verbond. Drie soldaten hadden
in eene herberg twist met elkander gekregen, en waren,
nadat zij het licht hadden uitgebluscht, met messen op
elkander aangevallen, waardjoor ongelukkig do kastelein,
die op het gerucht toeschoot^ doodelijk werd gewond.
Allo drie werden hierop gevangen genomen, doch be-
weerden hunne onschuld. Daar men nu niet wist, wie
hunner den moord had gepleegd , werden zij door eenen
krijgsraad alle drie ter dood veroordeeld ; doch dit von-
nis zou slechts aan een hunner voltrokken worden , en
het lot zou beslissen, wie moest worden opgehangen.
Aan' hem, die het doodelijk lot getrokken had, werd het
vonnis uitgevoerd; maar toen men den strop had afgesne-
den , om den gehangene te begraven, ontdekte men, dat
hij niet dood was. Nm wilde de Gouverneur v.^i.kvn-
rurg, dat de doodstraf andermaal aan dezen mair zou
vol-