Boekgegevens
Titel: De logische analyse
Deel: 1 Beschouwingen naar aanleiding van Prof. T. Roorda's rede-ontleding of logische analyse der taal
Auteur: Winkel, L.A. te; Roorda, T.
Uitgave: Zutphen: Willem Thieme, 1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-1109
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205178
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De logische analyse
Vorige scan Volgende scanScanned page
27
Zoo zal men moeten toestemmen, dat de zin of beteekenis der
vraag: Wie klopt daar?, volledig uitgedrukt, is: Ik, spreker,
verlang den naam van den persoon, die daar klopt, te kennen.
In deze gedachte is de vrager zelf en eene handeling van hem,
het verlangen om te kennen, wel degelijk betrokken, en toch
is er in den zin geen woord, dat van hem noch van zijn verlangen
melding maakt. Zegt men: Indieti het weder droog was, deed
ik eene wandeling, dan is //de zin van den zin" zeker niet,
dat het weder droog was, en dat ik eene wandeling deed, wat
toch staat uitgedrukt. De volzin bedoelt regen en te huis blij-
ven, terwijl de woorden uitdrukkelijk droog weder ea wande-
len spreken. Maar voornamelijk veroordeelen wij de bepaling,
die de heer roorda van eenen zin geeft, omdat zij, wel be-
schouwd, lijnrecht aanstuurt op dezelfde of op eene even ge-
vaarlijke klip, als die, op welke wij boven, bl. 24, hebben ge-
wezen, en waarop de taalbeschouwing van becker en anderen
heeft schipbreuk geleden. Immers, indien men eenen zin niet
aanmerkt als de uitdrukking van eene gedachte zelve, maar van
»den zin der gedachten!', en dezen zin vervolgens verklaart
voor een //gevoel van den denkenden geest", ziet men dan niet
inderdaad een der voorwerpen zijner beschouwing, namelijk de
eigentlijke gedachte, voorbij, om te zoeken naar iets anders,
dat in of achter die gedachte verborgen ligt? Dit andere, dit
gevoel is zelf wederom eene gedachte, zelfs volgens den heer
roobda. n Zin der gedachte is dat gevoel van den geest, dat
//men, als men op iets zint, dikwijls wel heeft, maar niet uit
//drukken of onder woorden brengen kan. — Maar, als men
//zulk een gevoel in woorden kan uitdrukken, en werkelijk uit
// drukt, dan noemen wij de uitdrukking daarvan ook een ziti
Wanneer wij een gevoel, van welken aard het ook zijn moge
niet maar door tusschenwerpsels van zeer onbepaalde beteekeni
uiten, maar het onder woorden weten te brengen, dat is, wan
neer wij spraakgeluiden, waaraan bepaalde duidelijke voorstel