Boekgegevens
Titel: De logische analyse
Deel: 1 Beschouwingen naar aanleiding van Prof. T. Roorda's rede-ontleding of logische analyse der taal
Auteur: Winkel, L.A. te; Roorda, T.
Uitgave: Zutphen: Willem Thieme, 1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-1109
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205178
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De logische analyse
Vorige scan Volgende scanScanned page
den zin, in den eersten naamval staat, en, slechts één voor-
werp aanduidende, enkelvoudig is? Het moge waar zijn, dat
men zich al die bijzonderheden niet altijd even klaar voor den
geest brengt, maar men is toch gedwongen geweest even te den-
ken aan die menigte begrippen, waarmede men nooit recht ge-
meenzaam wordt, indien men ze zich niet dikwijls voorstelt.
En wat geeft de heer kooeda voor zoodanige oefeningen in de
plaats? Vooreerst de Logische Analyse, die niet den vorm en
de eigenschappen der woorden, maar hunne beteekenis en hun
gebruik in de rede beschouwt; en in de tweede plaats de ont-
leding der woorden, elk op zich zelf, te weten, alleen //wan-
//neer deze geen grondwoorden, maar zamengestelde, afgeleide
//of verbogene woorden zijn; en dan bestaat de ontleding in de
//onderscheidene aanwijzing, hoe een woord zamengesteld, afge-
//leid of verbogen is, en dus in de analyse van den grammati-
nschen vorm der woorden." Zoodanig eene ontleding is bij het
onderwijs volstrekt onmogelijk. Wie durft beweren den vorm
van alle woorden te kennen, en altijd op goede gronden te
kunnen beslissen, of een woord een grondwoord, dan wel af-
geleid of zamengesteld is? Indien het spreekwoord: schijn be-
driegt, ergens geldig is, dan geldt het in de Etymologie of de
Leer der AVoordvorming. Ik beroep mij op de woorden arbeid,
armoede, dorpel, ambt, mes en honderd andere. Zulk analyse-
ren onderstelt in den onderwijzer eene kennis, waarop de groot-
ste taalkundige zich niet zal beroemen; en al ware zulk ont-
leden op zich zelf al mogelijk, het nut zou niet halen bij de
tot hiertoe gebuikelijke wijze van handelen. Wij hebben ons
daarom verplicht geacht in naam van het Taalonderwijs het
groote belang van de soortverdeeling der woorden en van de
gewone Grammatische Analyse aan te toonen.
Vervolgens geeft de heer roorda, bl. 4, eene duidelijke
verklaring van hetgeen men door ontleding of analyse in het
algemeen te verstaan heeft, waaruit die van logische analyse