Boekgegevens
Titel: De logische analyse
Deel: 1 Beschouwingen naar aanleiding van Prof. T. Roorda's rede-ontleding of logische analyse der taal
Auteur: Winkel, L.A. te; Roorda, T.
Uitgave: Zutphen: Willem Thieme, 1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-1109
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205178
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De logische analyse
Vorige scan Volgende scanScanned page
20
verzwijgt zij b. v. dikwijls begrippen en geheele gedachten,
die bij eene streng logische gedachtevorming en -uiting wel
degelijk gedacht en uitgedrukt moeten worden; terwijl zij een
ander maal één en hetzelfde begrip tweemaal vertegenwoordigt.
Het kan dus niet missen, of hij, die de Taal als de uitdruk-
king van het geregelde logische deuken beschouwt, moet haar
ieder oogenblik miskennen en zich menigwerf verkeerde denk-
beelden vormen. Later zullen wij overvloedig gelegenheid heb-
ben om dit op te merken, hier meenen wij te kunnen volstaan
met ons te beroepen op de geschriften van twee beroemde Duit-
sche taalgeleerden, k. w. l. heyse en Dr. h. steinïhal, die
tegen de bedoelde verkeerde taalbeschouwing ten sterkste ijveren.
De laatstgenoemde schrijver heeft het groote verschil tusschen de
Grammatica en de Logica in bijzonderheden aangetoond in zijn
jongste werk, getiteld: Qrammaiik Logik und Psychologie ihre
Prinzipien und ihr Verhällniss zu einander, werwaarts wij den
lezer verwijzen. Wij kunnen echter niet nalaten eenige merk-
waardige woorden uit heyses System der Sprachwissenschaft
hier vertaald mede te deelen. Zij worden gevonden op blz.
12 van genoemd werk.
//Dit is juist de hoofddwaling van de zoogenoemde philo-
//sophische behandeling der Taal op het abstract verstandelijke
//standpunt, dat zij het wezen der Taal wil vinden buiten de
//Taal zelve, op het gebied van het zuivere [logische] denken.
/'De Taal is niet het kleurlooze licht der zuivere gedachte in haren
//abstract logischen vorm; maar zij toont dit licht doordemid-
// delstof van de veelvuldig verscheidene aanschouwings- en voor-
//stellingswijzen der volken gebroken in menigvuldige kleuren
// en kleurschakeringen. De Taalwetenschap heeft met het zuivere
//licht der gedachten niets te maken; maar wel met de onein-
//dig afwisselende kleurspelingen, waarin het zich in iedere
//taal op eene eigenaardige wijze vertoont. De zoogenoemde
//Philosophische Grammatica, die de Taal binnen het gebied van