Boekgegevens
Titel: De logische analyse
Deel: 1 Beschouwingen naar aanleiding van Prof. T. Roorda's rede-ontleding of logische analyse der taal
Auteur: Winkel, L.A. te; Roorda, T.
Uitgave: Zutphen: Willem Thieme, 1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-1109
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205178
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De logische analyse
Vorige scan Volgende scanScanned page
voorbericht. vh
het onontbeerlijke middel voor de ontwikkeling van den mensche-
lijken geest, die zonder haar volstrekt onmogelijk is. Geene begrip-
pen, geene klare voorstellingen, geene eigentlijke gedachten zijn
zonder woorden, zonder taal denkbaar. Zonder de spraak maakt de
mensch zich niet los van de grofste zinnelijkheid, verheft hij zich
weinig of niet boven de dieren der hoogere orden. Het is de spraak
alleen, die hem het ware zelfbewustzijn schenkt, en hem in staat
stelt om in zich zeiven eene wereld van denkbeelden te scheppen,
die de afspiegeling is van de werkelijke wereld buiten hem. En die
buitenwereld bestaat voor hem eigentlijk slechts in zoo verre en al-
leen zoodanig, als hij haar door middel van de taal in zijnen geest
heeft opgenomen. Is het werktuig ongeschikt, dan blijft het kunst-
werk onvolmaakt; eene gebrekkige taal geeft slechts onduidelijke en
onjuiste voorstellingen. Het is hier de plaats niet om het betoog van
dit alles te leveren, hetgeen trouwens ook niet op eenige weinige
bladzijden kan worden afgehandeld. Wij verwijzen daarom den lezer
naar steimhal's jongste geschrift: Grammatik Logik und Psycholo-
gie, ihre Vrincipien und ihr Verhältniss zu einander, en naar w. VON
hüMBOLDt's onsterfelijk werk lieber die Verschiedenheit des mensch-
lichen Sprachbaues und ihren Einßuss auf die geistige Entwickelung
des Menschengeschlechts, waar men het zoo even gezegde overtuigend
bewezen zal vinden. Maar heeft de taal waarlijk de gewichtige taak
te vervullen, die wij boven aangeduid hebben, maakt zij inderdaad
het verstandelijke levensbeginsel eener natie uit, dan eischt zij ge-
biedend boven alle andere vakken van kennis de belangstelling, de
teederste zorg van allen, wier roeping het is aan het volksonderwijs
deel te nemen, het te bevorderen, te besturen; dan eischen vooral
de leerboeken, bestemd voor de vorming van den onderwijzer, het
strengste toezicht. Onder die leerboeken bekleeden dezulke de eerste
plaats, die onder den naam van Philosophische of Algemeene Gram-
matica, Theorie der Logische Analyse, of onder welken titel ook,
bestemd zijn om de grondslagen voor alle taalkennis te leggen, de
algemeene taalbegrippen, de begrippen der grammatische categoriën,
die de onderwijzer onophoudelijk heeft toe te passen, tot klaarheid
en volkomenheid te brengen. Zou het nog bewijs behoeven, dat de
bevattelijkheid en deugdelijkheid van zijn onderwijs geheel afhangt