Boekgegevens
Titel: Kramers' rekenboekje, bevattende driehonderd vraagstukken ..
Deel: 4e stukje Ter toepassing van de hoofdregelen met gewone en tiendeelige breuken en tot oefening in het gebruik van de systematische benamingen der maten en gewichten
Auteur: Kramers, H.W.; Posthumus, S.
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor zonen, 1889 *
6e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 228 : 6e dr. (dl. IV)
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205128
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kramers' rekenboekje, bevattende driehonderd vraagstukken ..
Vorige scan Volgende scanScanned page
10
voor / 1500 ontving, uit hoeveel last bestond dan de
geheele partij?
52. Eene vrouw moet linnen koopen. Men vraagt haar f 0,70
voor den meter, doch zij dingt daarop 5,5 cent af.
Als zij zich nu in 't geheel / 2,31 bevoordeeld heeft,
kunt gij mij dan zeggen, hoeveel zij heeft uitgegeven ?
53. Eene som van / 317,68 wordt betaald met gouden
tientjes, rijksd., guldens, halve guldens, kwartjes, dub-
beltjes, stuivertjes, halve stuivers, centen en halve cen-
ten, van elk dezer muntspeciën evenveel. Hoeveel stuks
moet men van elk tellen?
54-. Als 45 hektoliter haver voor f 720 is ingekocht, voor
hoeveel moet men dan de 5 liter verkoopen, om per
hektoliter een daalder te winnen ?
55. Wat moet iemand, wiens jaarlijksch inkomen ƒ 1300 be-
draagt, wekelijks verteren, om eiken dag stuiver
te kunnen besparen? (Het jaar op 52 weken gerekend.)
56. F. koopt 3^ meter laken van f meter breedte a f 4J
den meter. G. die juist evenveel noodig heeft als F.,
koopt laken van meter breedte a f 3^ den meter.
Wie van hen heeft het minst besteed en hoeveel is
het verschil ?
57. Vier jongens moeten / 100 deelen. A. krijgt ƒ 2,50
meer dan B. deze / 3,20 meer dan C. en C. f 3,70
meer dan D. Hoeveel komt elk toe?
58. Als ik de bezitting van mijn vriend in 17 gelijke