Boekgegevens
Titel: Verzameling van stukken betreffende de regeling van het lager schoolwezen, sedert den jare 1801
Auteur: Hinloopen Labberton, Dirk van
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1841
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 672 K 70
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205038
Onderwerp: Recht: bestuursrecht: overige
Trefwoord: 1800-1850, Lager onderwijs, Nederland, Wetteksten (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verzameling van stukken betreffende de regeling van het lager schoolwezen, sedert den jare 1801
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 43 )
uitgedrukt staan op eene algemeene Boekenlijst,
door den Secretaris Tan Staat voor de Binnenland-
sche Zaken te ontwerpen en te arresteren; uit welke
algemeene Lijst elke Commissie van Onderwijs eene
bijzondere Lijst van Schoolboeken zal vermogen te
formeren, ten einde, met uitsluiting van alle ande-
re , op de Scholen, onder haar ressorterende te
worden gebezigd , met dien verstande nogtans, dat
aan de Onderwijzers der Bijzondere Scholen van de
eerste Klasse (Art. 3, N®. 1), de vrijheid gelaten
zijj om zich — onder goedkeuring Tan het over
dezelve respectivelijk gevestigd opzigt, en met ken-
nisgeving daarvan , het zij aan den Schoolopziener,
het zij aan de Plaatselijke Schoolcommissie, waar
deze bestaat — op hunne Scholen nog van zooda-
nige andere Leer- of Leesboeken te bedienen, als
de aard hunner Scholen vorderen mag ; en wijders
dat het aan de Onderwijzers der Bijzondere Scholen
van de tweede Klasse, (Art. 3, N®. 2), zal vrij-
staan om aan den Schoolopziener van het District
of aan de Plaatselijke Schoolcommissie, waar zulk
eene aanwezig is, zoodanige hoogere en voor bij-
zondere wetenschappen geschikte Leer- en Lees-
boeken , ten gebruike op hunne Scholen, ter goed-
keuring voorteslaan , als voor derzelver hoogere en
bijzondere inrigting en behoefte mogen gevorderd
worden: zullende hiervan, zoo wel ten aanzien der
Bijzondere Scholen van de eerste, als ten aanzien
van die der tweede Klasse, op de eerstvolgende
Vergadering der Commissie van Onderwijs, door
den Schoolopziener van het District opgave worden
gedaan , en vervolgens door deze aan den Secretaris
van Staat voornoemd.
Art. 25. Alle degenen, die nalatig of onwillig
zijn, om aan het bepaalde bij de vier voorgaande
Artikelen te voldoen , vervallen in de slrajfen, bij
Art. 18 der Wet vastgesteld.