Boekgegevens
Titel: Leer- en leesboek der algemeene geschiedenis
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers,
Auteur: Kannegieser, Otto; Huberts, W.J.A.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, ca. 1865 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 671 C 66,67
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204978
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leer- en leesboek der algemeene geschiedenis
Vorige scan Volgende scanScanned page
ENGELAND. 205
wonderbare wijze gered; maar zij zeiven ondergingen allerlei
straffen, terwijl hunne goederen verbeurd werden verklaard.
De macht en de rijkdommen van Engeland namen hoe langer
hoe meer toe, men streed gelukkig tegen Frankrijk, en Engeland
werd daardoor meesteres ter zee. Onder George III (1760—
1820) wisten de Amerikaansche staten zich de onafhankelijkheid
te verwerven.
Vestiging derEngelsche heerschappij inOost-
Indië. De handelaars der Oost-Indische kompagnie traden
in Indië als veroveraars op. Zij streden met de Franschen om
het bezit der kustlanden van Voor-Indië en richtten hunne
blikken op Bengalen. In 1698 werd Calcutta tot presidentschap
verheven. De Engelsche kompagnie maakte gebruik van de on-
eenigheid tusschen de stadhouders of Nabobs van het rijk des
Grooten Mogols, hetwelk door aanhoudenden strijd tegen de
Mahratten en Perzen zeer verzwakt was. De gouverneur Willi-
am Clive maakte zich door zijne krijgstochten daarbij zeer ver-
dienstelijk. In 1755 kreeg de Engelsche kompagnie door een
verdrag met den Groot-Mogol tegen eene jaarlijksche som van een
millioen pond sterling de opperheerschappij over Bengalen. Maar
de Engelsche kooplieden zogen het volk uit, en sleepten onmete-
lijke sommen uit het land; zij genoten door den alleenhandel
in noodzakelijke levensbehoeften hooge inkomsten. De Engelsche
macht werd aan het wankelen gebracht toen de dappere Sultan
van Mysore, Hyder-Ali, zich met de Mahratten verbond; maar
de Engelsche kompagnie onder den gouverneur-generaal Warren
Hastings wist zich staande te houden, doch had zich in zulke
groote schulden gestoken, dat zij afhankelijk van de regering
werd. Van 1790 tot 1792 voerde Engeland weder een krijg
tegen Tippo-Saïb, den zoon van Hyder-Ali, en breidde daarbij
haar landbezit uit, terwijl erdoor den overwonnen vijand groote
sommen tot schadeloosstelling van oorlogskosten werden betaald.
De Engelschen veroverden Tippo-Saïbs hoofdstad Seringapatnam
(1799), waar zij ongeloofelijke rijkdommen vonden. Hij had de
wapenen opgevat met hoop op Fransche hulp. Daarop onder-
wierpen de Engelschen de tot nu toe ontziene Nabobs, en stre-
den sints 1803 tegen de vorsten der Mahratten , die in 1807
geheel onderworpen werden. Delhi, de hoofdstad van den Groot-
Mogol, werd ingenomen. De Britsche macht in Oost-Indië
strekte zich nu van de Himalaya tot Ceylon en van den Indus