Boekgegevens
Titel: Lees- en taaloefeningen ten dienste van doofstomme kinderen, ook geschikt ten gebruike van hoorende kinderen, in de laagste klassen der lagere school
Auteur: Hill, Moritz; Hirsch, David
Uitgave: Rotterdam: Hendrik Altmann, 1864-1869
Inrigting voor doofstommen-onderwijs
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 677 D 58-60
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204859
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen, Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Lezen, Linguïstiek, Wandplaten, Doofstommen, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lees- en taaloefeningen ten dienste van doofstomme kinderen, ook geschikt ten gebruike van hoorende kinderen, in de laagste klassen der lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
79.
d4. Het Varken op de Schaal.
(Bsugsma. Plaat 36. N». 3 St é.)
Daar ligt een varken op de schaal. Het is niet le-
vend, maar dood. De spekslager heeft het geslagt. Br
staat geen gewigt op de andere schaal. De spekslager zal
het gewigt op de andere schaal zetten. Hoeveel weegt wel
zulk een varken? — De spekslager heeft het varken ge-
schrapt en opengesneden. Hij heeft de lever en de darmen
er uitgehaald. Wat heeft de spekslager nog meer uit het
varken gehaald? — De lever en de darmen zijn ingewanden.
Noem de andere ingewanden I De spekslager zal den kop,
de pooten, de zijden van het varken afhakken en de
reuzeis uitsnijden. Hij zal spek en karbonade afsnijden.
De spekslager hakt spek en vleesch door elkander. Hij
maakt gehakt. Hij stopt het gehakt in schoone darmen.
Hij maakt varkensworst. De vleeschhouwer maakt runder-
worst, De spekslager maakt ook bloedworst, leverworst en
nog andere worsten. De spekslager maakt ook zult. De
spekslager droogt of rookt spek, rookt ham, worst en zult.
Hij verkoopt dus versch spek, versche karbonade, versche
worst, versche znlt, gedroogd spek, gerookt spek, gerookte
ham, gerookte worst en gerookte zult. Wat verkoopt hij nog
meer? — De vleeschhouwer verkoopt rund-, kalfs- en schape-
vleesch. Hij snijdt biefstuk, lappen en karbonade af. Hij
maakt rollende, rolpens, enz. De vleeschhouwer rookt en
zout ook stukken vleesch, ■ Men eet het rookvleesch raauw,
of gekookt. Wat lust gij liever: raauw, of gekookt rook-
vleesch ? — Het vleesch is eene spijs. Noem andere spijzen!
OEFENINGEN.
1. Wie? Wat? Watvoor? Welk? Wat doet?
Hoe? zulk een, enz,
2, Vragen: Hoeveel pond weegt eene koe wel? Hoe-
veel pond weegt gij? — uwe lei? — uw schrift? Wat
kost een pond rundvleesch ? — kalfsvleesch ? — schape-
vleesch? — varkensvleesch ? — Wanneer eet men gezouten
vleesch? Waarop eet men gerookt vleesch? — leverworst? —
gerookte zult? — Watvoor vleesch eet men 's middags?
Welk vleesch lust gij het liefst?