Boekgegevens
Titel: Latinae loquendi formulae in usum scholasticum
Auteur: Dorn Seiffen, G.
Uitgave: Veteri ad Rhenum Trajectu: J.G. Broese, 1856
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3385
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204814
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Latijnse taalkunde
Trefwoord: Latijn, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Latinae loquendi formulae in usum scholasticum
Vorige scan Volgende scanScanned page
58
Hieras subest, de ivinler staat voor de deur, is aanstaande.
Subiiccre hastae bona alicuius, iemands goederen op reg-
terlijk gezag doen verlcoopen.
Subire tecto of tectum , in huis gaan.
Spes subit animum , ik krijg hoop.
Sublevare fugam alicuius pecunia, iemands vlugt met geld
verliglen, ondersteunen.
Submittcre animum, den moed laten zakken.
Submittere se, zich onderwerpen.
Submittere imperium alicui, het hevel aan iemand onder-
werpen.
Submittere auxilium alicui, iemand versterking zenden.
Subscribëre sententiae alicuis, iemands uitspraak toestemmen.
Subscribere odio alicuius, iemands haat begünstigen.
Subscribere in aliquem, iemand bij geschrift aanklagen.
Subsistëre sumtui, de onkosten goed maken.
Substitucre, of subdCre aliquem in alicuius locum, iemand
voor iemand in de plaats stellen.
Succêdere alicui, of'm locum alicuius, iemand opvolgen.
Succedit mihi, het gelukt mij.
SufFici in locum alicuius, bij iemands ontstentenis in zijne
plaats verkozen worden.
SufFïgere aliquem cruci, of in cruce, iemand kruisigen.
SufFragari laudi alicuius, iemands lof toestemmen.
Sumore supplicium de aliquo , iemand stra.ffen.
Sumere tantum sibi, zich zoo veel aanmatigen.
Sumere diem, den dag vermakelijk doorbrengen.
Sumere pecuniam mutuam, geld leenen.
Suppedltare aliquid alicui, iemand iets verschaffen.
SupplTcare alicui, iem.and smeeken.
Surdus votorum, of votis , of ad of in vota, doof voor de
gebeden.
Surdus in sermone Graeco, geen woord Grieksch verslaande.
Surripëre aliquid alicui, iemand iets heimelijk ontnemen.