Boekgegevens
Titel: De toesteloefeningen voor de lagere school: theoretisch-praktische handleiding voor het onderwijs in toesteloefeningen aan jongens en meisjes
Auteur: Boom, J.A. van der
Uitgave: Haarlem: H.D. Tjeenk Willink & zoon, 1892 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2024
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204803
Onderwerp: Pedagogiek: lichamelijke opvoeding
Trefwoord: Gymnastiektoestellen, Oefeningen, Vakdidactiek
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De toesteloefeningen voor de lagere school: theoretisch-praktische handleiding voor het onderwijs in toesteloefeningen aan jongens en meisjes
Vorige scan Volgende scanScanned page
1Ï9
nog leiding noodig. In zeer bijzondere omstandigheden, zooals bij
-a.s. onderwijzers, kan van dezen regel worden afgeweken, doch
dan ook slechts in de laatste studiejaren en steeds in afwisseling
met de leiding des leeraars.
In lokalen waar groote klassen les ontvangen en waar de finan-
ciën niet toelaten, meerdere toestellen van dezelfde soort aan te
schaffen, kan de onderwijzer eene gewijzigde klassikale behande-
ling toepassen, door bijv. aan verschillende hangtoestellen, de-
zelfde oefeningsvormen, onder zijn onmiddellijk bevel te laten
wilvoeren.
Aan rek, horizontale ladder en ringen kunnen vele soorten van
hangoefeningen worden uitgevoerd.
Het steunen kan gelijktijdig aan laagrek en brug plaatshebben enz.
Bovendien kan bij vele oefeningen aan rek, brug en horizontale
ladder door 3 of meer leerlingen te gelijk geoefend worden.
Bij het onderwijs in toesteloefeningen dient de onderwijzer te
morgen voor eene voldoende afwisseling van beweging en rust.
Het is daarom uit een physiologisch oogpunt zeer af te keuren,
de niet turnende leerlingen, die om de toestellen geschaard zijn,
«n toezien naar de op het oogenblik turnende, hun rusttijd te
benemen door het laten uitvoeren van vrije oefeningen op de
plaats, zooals van zekere zijde in eene theoretische beschouwing
w^ordt aanbevolen. Bovendien leidt dit bijwerk van de hoofdzaak,
het toestelturnen, af en kan aanleiding geven, dat de onderwijzer
zijn aandacht te veel moet verdoelen en daardoor het toesteltur-
nen schade leidt. Wil men een te lange rustpoos voorkomen, dan
is 't beter, nu en dan eens oefeningen te kiezen waarbij meer
dan één leerling aan eenzelfde toestel turnt; zoodat bij de eene
oefening 3 of 4, bij de andere 6 of 8 tegelijk oefenen.
Ten slotte merken we nog op, dat de plaatsing der toestellen
■eene zoodanige moet zijn, dat alle leerlingen er om heen geschaard