Boekgegevens
Titel: Grootvader Jakob en zijne kleinkinderen: een vervolg op Vader Jakob en zijne kindertjes
Auteur: Goeverneur, J.J.A.
Uitgave: Groningen: A.L. Scholtens, 1853
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 678 E 85
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204743
Onderwerp: Pedagogiek: ethische vorming (pedagogiek)
Trefwoord: Deugden, Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grootvader Jakob en zijne kleinkinderen: een vervolg op Vader Jakob en zijne kindertjes
Vorige scan Volgende scanScanned page
36
De Burgemeestek. Maar als ik dien jongen
eens vrijheid gegeven had ? ,
Herman. Dan nog niet, of mijnheer moest
het betalen.
De Vrederegter. Maar ik dan ? Als ik hem
daartoe had aangespoord ?
Herman. Niemand dan de eigenaar kon den
jongen regt op dat brood geven, bi elk ander
geval was het stelen.
Denkt gij er ook zoo over, kinderen? Doet
dan den armen wel, opdat zij niet tot het ste-
len verleid worden.
14. Mts Itleine dierénplagef.
Foei , WiMME ! foei , plaagt gij de dieren ,
Om aan uw terglmt bot te vieren?
Foei, dit verraadt een boos gemoed.
Schept gij vermaak in poes te plagen,
Kan u 't gyank van mop behagen ,
Schoon poes noch mop u iets misdoet?