Boekgegevens
Titel: Grootvader Jakob en zijne kleinkinderen: een vervolg op Vader Jakob en zijne kindertjes
Auteur: Goeverneur, J.J.A.
Uitgave: Groningen: A.L. Scholtens, 1853
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 678 E 85
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204743
Onderwerp: Pedagogiek: ethische vorming (pedagogiek)
Trefwoord: Deugden, Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grootvader Jakob en zijne kleinkinderen: een vervolg op Vader Jakob en zijne kindertjes
Vorige scan Volgende scanScanned page
25
der! dat zal ikwas haar antwoord, en met-
een huppelde zij de deur uit, om hare mooije
jurk aan tante Sophia te laten zien. Deze
prees het nieuwe kleed, en voegde er bij :
»Wees vooral voorziglig, kleine meid! dat gij
er geen vlekken in krijgt, waardoor het voor
altoos bedorven zou wezen."
»Wat vlekken? Ik weet van geen vlekken!"
antwoordde Tiujivtje.
Trijntje had de gewoonte, om veel om en
rond te kijken. Zelden zag zij voor zich uit.
Dat was verkeerd , niet waar ? Als men niet
vóór zich ziet, krijgt men dikwijls ongelukken.
Trijntje viel ook dikwijls; zij stootte zich dan
eens aan de stoelen en banken, en liep dan
weèr tegen eenen kruiwagen aan, waardoor zij
niet zelden met gescheurde of bemorste klee-
deren te huis kwam.
Toen zij nu by tante onachtzaam de deur
uit sprong en naar alle kanten heao keek, be-
gon zij op eens hard te schreeuwen: »Mijne jurk!
mijne jurk!"
»Die lompe meid!" klonk tusschen haar
schreeuw en. door. »Zij loopt mij daar de ge-
heele kom met soep uit de handen."
Wat was er dan wel voor een ongeval, lieve