Boekgegevens
Titel: Grootvader Jakob en zijne kleinkinderen: een vervolg op Vader Jakob en zijne kindertjes
Auteur: Goeverneur, J.J.A.
Uitgave: Groningen: A.L. Scholtens, 1853
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 678 E 85
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204743
Onderwerp: Pedagogiek: ethische vorming (pedagogiek)
Trefwoord: Deugden, Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grootvader Jakob en zijne kleinkinderen: een vervolg op Vader Jakob en zijne kindertjes
Vorige scan Volgende scanScanned page
21
de medicijnen voorgeschreven. De jongen ging
met de geneesmiddelen op weg. De brieQes
waren behoorlijk aan de fleschjes vastgemaakt
en de namen en het gebruik daarop duidelijk
geschreven. Omdat de boeren broeders waren,
had de apotheker de voorletters van hunne
namen wat groot gezet, opdat er geene verwar-
ring mede zou plaats hebben.
Dan, wat gebeurt er ? De jongen zelf kon
niet lezen. Hij vroeg daarom, toen hij buiten
de jDoort was, eenen jongen, waar hij het een
en waar het ander fleschje brengen moest.
»Het fleschje in uwe regterhand moet gij bij
den eersten, en dat in uwe linkerhand bij den
tweeden boer bezorgen," was het antwoord.
Herman , — gij begrijpt wel al, kinderen ! dat
hij hét was, — Herman had de brieQes niet
eens gelezen. Wat raakt het mij ! dacht hij
al weder, en liet den jongen loopen.
Deze bragt de geneesmiddelen verkeerd. De
meiden , die aan de knechts de geneesmiddels
toedienen zouden, zagen niet naar de briefjes
en gaven alzoo de verkeerde drankjes aan de
zieken. Dat kon zeer ongelukkig zijn uitge-
komen !
De dokter, die nog meer zieken buiten de