Boekgegevens
Titel: De vrouwelijke handwerken in verband met de invoering volgens de Wet van 17 Augustus 1878 (STBL. no. 127)
Auteur: Berg-Stomp, T. van den
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1887
3e, veel verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1286
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204663
Onderwerp: Afzonderlijke kunstvormen: textielkunst
Trefwoord: Handwerken, Textiele werkvormen, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De vrouwelijke handwerken in verband met de invoering volgens de Wet van 17 Augustus 1878 (STBL. no. 127)
Vorige scan Volgende scanScanned page
147
Ook nog iets meer?
Ja, ook breinaalden.
En wat wilt ge daarmee nu leeren?
Breien willen we daarmee leeren.
Van deze en dergelijke vragen en antwoorden is dus 't resul-
taat, dat allereerst duidelijk wordt, dat men voor breien garen
gebruikt waarwa», en naalden waarmerfe men iets breit. Verder
make men hun duidelijk; dat al wat men breit uit mazen bestaat
en dat die mazen lissen zijn, welke met behulp van garen en
naald gemaakt worden.
Nu moeten ze 't opslaan der mazen leeren. Dit kan op ver-
schillende manieren geschieden; doch de ondervinding heeft ons
geleerd, dat het opslaan het spoedigst't eigendom van de leerling
wordt, als men het met 2 naalden laat doen.
De onderwijzeres plaatst de kinderen in twee halve cirkels vóór
zich; de kinderen in den buitensten cirkel moeten over die in
den binnensten kunnen heenzien, hetwelk men kan bewerkstel-
lingen door b.v. de eersten te laten staan en de laatsten te doen
zitten. Allen moeten ongehinderd kunnen waarnemen, wat de
onderwijzeres voordoet. Deze begint b.v. aldus: Wind een eind
van uw kluwen af.
Zie zoo, nu willen we eens eene lis maken.
De onderwijzeres maakt nu zeer langzaam de volgende bewe-
gingen , terwijl ze de kinderen voorzegt, h o e ze die dienen te
maken : vat uwen draad tusschen den rechter duim en wijsvinger
zóo, dat het einde naar beneden hangt. Hef uwe linkerhand op
en leg den draad vóór den binnenkant van de linkerhand, zoodat
het einde naar beneden hangt.
Houd met den linker duim en wijsvinger den draad vast; vat
met den rechter duim en wijsvinger het boveneinde van den
draad en leg dat zóo om de vier vingers van de linkerhand, dat
de draad op den wijsvinger een kruis vormt. Houd dit met duim
en wijsvinger vast, trek de overige drie vingers uit de lis en sluit
ze; haal nu met den rechter duim en wijsvinger den draad, die
achter de lis hangt, naar voren, open den duim en wijsvinger
der linkerhand een weinig en trek hiermede de beide einden vast.
Zie zoo, nu is de eerste lis gemaakt. De onderwijzeres kan
10*