Boekgegevens
Titel: De vrouwelijke handwerken in verband met de invoering volgens de Wet van 17 Augustus 1878 (STBL. no. 127)
Auteur: Berg-Stomp, T. van den
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1887
3e, veel verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1286
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204663
Onderwerp: Afzonderlijke kunstvormen: textielkunst
Trefwoord: Handwerken, Textiele werkvormen, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De vrouwelijke handwerken in verband met de invoering volgens de Wet van 17 Augustus 1878 (STBL. no. 127)
Vorige scan Volgende scanScanned page
119
borduur- en kantsteken, met fijne naaizijde in verschillende
kleuren.
Een zeer moeilijk en kunstig werk is het gekleurde renais-
sance borduursel. Men werkt bloemen en bladen afzonderlijk met
den rechten in elkaar vattenden steelsteek met gespleten floret-
zijde , dat men kiest in de kleuren van de bloemen, welke men
nabootst. De omtrekken der figuren festonneert men over zeer
fijn bloemendraad; het aanhechten der werkdraden geschiede
zooveel mogelijk verborgen, daar het werk aan weerszijden
zichtbaar wordt; wijl men de verschillende figuren en relief
schikt, op het voorwerp, dat er mee versierd zal worden.
Bij gekleurd borduren neemt men soms bloemen, bladeren of
andere figuren van eene andere kleur en soms ook van eene
andere soort stof; men noemt dit appliceeren. De op te leggen
stofdeelen worden aan de keerzijde met eene oplossing vaT
arabische gom bestreken en dan op de bestemde plaats gehecht.
Is het werk gedroogd, dan worden ze nader vastgehecht door
festonneersteken. Op bloemen en bladeren van fluweel teekent
men de bladnerven met eene heetgemaakte breinaald. Randjes,
ter versiering van sommige voorwerpen, kan men ook vervaar-
digen door op de stof zijden, fluweelen of wollen band door
middel van den heksensteek, welke dan alleen in de stof mag
vatten, te appliceeren. Het band moet een lichtere tint hebben
van dezelfde kleur als de stof, waarop het wordt bevestigd;
terwijl de heksensteek met eene andere doch harmoniëerende
kleur in zijde wordt vervaardigd. Op het band worden tusschen
de heksensteken op gelijke afstanden zoomsteken gelegd.
Om de patronen van gekleurd borduur- en applicatiewerk op
laken, flanel of fluweel over te brengen, speldt men deze er
op vast en prikt dan met eene tamelijk dikke speld , dicht naast
elkander, gaatjes in de lijnen van het patroon '). Heeft men
Eene copiëermachine kan voor dit doel ook uitstekend dienen. Dit
werktuigje bestaat uit een houten handvatje, waaraan een ijzeren staafje
is verbonden, hetwelk aan zijn andere uiteinde gespleten is. In die spleet
bevindt zich een getand wieltje. Bij het gebruik drukt men met dit wieltje
over de omtreklijnen der figuren.