Boekgegevens
Titel: Kijkjes in de Oost: een leesboek voor de volksschool
Deel: 1 Java
Auteur: Heijde, H.C. van der; Veth, P.J.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff, 1891
4e herziene dr; 1e dr.: 1875
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1241 : 4e dr. (dl. 1)
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204501
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kijkjes in de Oost: een leesboek voor de volksschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
lO
dan ooit verwachtte hij, dat de zeeweg naar Indië zou opge-
spoord worden, en aan de gevonden kaap gaf hij den naam,
dien zij nog heden draagt: Kaap de Goede Hoop.
Elf jaar later, — Columbus had inmiddels Amerika ondekt, —
werd het doel bereikt. De admiraal Vasco Di Gama zeilde moe-
dig , ondanks de tegenspoeden waarmee hij te worstelen had,
Afrika om, en aanschouwde de Oostkust van dat werelddeel.
Door de Arabische bevolking van Melinda werd hij vriendelijk
ontvangen. Hij nam daar een loods aan boord, die beloofde
hem naar Indië te zullen brengen, en ook woord hield. Den
2oen Mei 1498 lieten de Portugeesche schepen het anker vallen
voor de toenmaals machtige handelsstad Kalikoet, de hoofstad
van Malabar, thans van vroegere grootheid geheel vervallen.
Door de tegenwerking van Arabieren, die daar woonden, mis-
lukten zijn pogingen om handelsbetrekkingen aan te knoopen.
Hij moest wel terugkeeren, en ruim een jaar later bereikte hij
het vaderland, waar de tijding, dat de zeeweg naar Indië ge-
vonden was, groote blijdschap verwekte.
Op Di Gama's raad werd er dadelijk een vloot uitgerust,
om den machtigen vorst van Kalikoet, met wien hij het niet
klaar had kunnen spelen, met geweld te dwingen. Dertien wei-
bewapende schepen, gecommandeerd door Cabral, vertrokken
er heen.
Cabral ontdekte onderweg Brazilië en had weer met veel te-
genspoed te worstelen, zoodat slechts zes van zijn schepen In-
dië bereikten. Onder hevigen strijd gelukte het hem handel te
drijven, en hij kwam in Juli van 1501 met een rijke lading
specerijen te Lissabon aan.
Van dien tijd af breidden de Portugeezen hun macht in Oost-
Azië meer en meer uit. Overal, waar zij slechts gelegenheid
hadden, vestigden zij handelskantoren (factorijen), die door for-
ten werden verdedigd. Hun hoofdplaats was Malakka, terwijl
voorts de Molukken hun aanzienlijke voordeelen verschaften.
Ook Java werd door hen bezocht.
Van die voordeelen wisten de Nederlanders zich weldra een
gedeelte te verschaffen. Onze schepen haalden de Indische
handelswaren, die te Lissabon werden aangebracht, van daar,
om ze in het vaderland, of in Frankrijk, Duitschland en Enge-