Boekgegevens
Titel: Kijkjes in de Oost: een leesboek voor de volksschool
Deel: 1 Java
Auteur: Heijde, H.C. van der; Veth, P.J.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff, 1891
4e herziene dr; 1e dr.: 1875
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1241 : 4e dr. (dl. 1)
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204501
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kijkjes in de Oost: een leesboek voor de volksschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
5
vertoonen, want het Kanaal is de gemeenschapsweg voor den
handel van Noord-Europa met Amerika aan de eene, met Azië
aan de andere zijde. Daarom moeten de stuurlieden hier zeer
opmerkzaam zijn, vooral bij nacht, om aanvaringen te voorko-
men, die bij mistig weer nog maar al te dikwijls plaats hebben.
De Atlantische Oceaan is dat uitgebreide waterveld, hetwelk
ten Oosten door Europa erf Afrika, ten Westen door Amerika
wordt begrensd. De ervaren zeeman is hier echter even goed
bekend als in de nabijheid van de vaderlandsche kusten: niet al-
leen weet hij juist de ondiepe plaatsen en klippen aan te wij-
zen en te vermijden, niet slechts is hij grondig bekend met de
richting van den wind, doch hij weet ook, welke stroomingen
het water der zee in beweging brengen, en deze zijn het voor-
namelijk, die den weg, door hem te nemen, bepalen.
Op eenigen afstand van de Westkust van Afrika loopt een
stroom in zuidelijke richting, die, ter hoogte van de Evennachts-
lijn, zich een weinig oostwaarts ombuigt. Deze zal ons voeren
langs de Canarische eilanden. Van daar gaan wij dan recht-
streeks in de richting van het eiland St. Helena, dat voor immer
bekend is geworden als het verbanningsoord van den eersten
Napoleon, die er in 1821 stierf Wij hebben dan een anderen
.stroom bereikt, die ons eerst een eind weegs in de richting van
Zuid-Amerika voortstuwt, en daarna met een breede bocht het
schip rechttoe rechtaan naar het Oosten, door den Indischen
Oceaan voert. Afrika's Zuidpunt, de Kaap de Goede Hoop,
zullen wij dan niet in het gezicht krijgen: op de heenxéi'i blij-
ven de schepen daar ver bezuiden.
Bijna halverwege tusschen Afrika en Nieuw-Holland liggen
twee eilandjes, St. Paul en Amsterdam. Deze zullen wij op
onzen tocht voorbijgaan. En, steeds den stroom volgende, die
onze vaart begunstigt, neemt daarna ons vaartuig een noordoos-
telijke richting, om eindelijk te komen in de nabijheid van den
Indischen Archipel, het doel van onzen tocht.
De schepen, die om de Kaap van Indië naar Nederland terug-
keeren, volgen niet juist denzelfden weg. Want de strooming,
die ons oostwaarts dreef, zou dan een erge hinderpaal zijn. Meer
noordwaarts loopt een stroom in tegengestelde richting; van dezen