Boekgegevens
Titel: Kijkjes in de Oost: een leesboek voor de volksschool
Deel: 1 Java
Auteur: Heijde, H.C. van der; Veth, P.J.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff, 1891
4e herziene dr; 1e dr.: 1875
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1241 : 4e dr. (dl. 1)
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204501
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kijkjes in de Oost: een leesboek voor de volksschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
30
het oorspronkelijk goede in zijn karakter de overhand te doen
krijgen; dat middel is o?iderivijs.
Eenige malen in het jaar wordt het eentonige, dat het da-
gelijksch leven der Javanen kenmerkt, door feestvreugde afge-
wisseld. Dan komen de bewoners der dessa bijeen en verma-
ken zij zich met het luisteren naar muziek, met het kijken naar
het dansen.
Voor den meer beschaafden smaak van den Europeaan heeft een
muziekuitvoering van den gamelan, zooals het Javaansch orkest
genoemd wordt, weinig bekoorlijks. Verschillende soorten van
bekkens, die men tegen elkander slaat, en kleine trommen, die
met omwoelde hamertjes worden geslagen, benevens een soort
van viool, waarvan een met lucht gevulde blaas de kast uit-
maakt, zijn de instrumenten, die daarbij de hoofdrol spelen. Op
de maat dier niet onwelluidende muziek ziet men eenige dans-
meisjes , wier bepaald bedrijf dat is, zich heen en weer bewe-
gen. Soms gebeurt het ook, dat een Javaan opstaat en eenige
verzen van zijn eigen maaksel voor de vuist opdreunt. Het
meest geliefkoosde vermaak is evenwel het wajang- of schim-
menspel, dat bij avond wordt vertoond. Een gezelschap platte
lederen poppen met bewegelijke ledematen, bont geschilderd en
kwistig verguld, voert achter een gespannen doek, waarachter
licht is geplaatst, een tooneelvoorstelling uit, zóó, dat de vrou-
welijke aanschouwers, die zich vóór het scherm bevinden, slechts
de schaduwen op het doek te zien krijgen, terwijl de mannen,
bij de vertooners gezeten, de eer hebben de poppen in persoon
te zien. De samenspraak wordt door den directeur gehouden,
evenals bij onze welbekende Jan-Klaassen-kasten; de stof is
gewoonlijk ontleend aan de fabelachtige geschiedenis van den
voortijd, en het is wel te begrijpen, dat de meest onmogelijke
voorvallen daar plaats hebben, 't Gebeurt niet zelden, dat de
held van het stuk door zijn vijanden wordt onthoofd, om een
oogenblik later doodbedaard zijn hoofd weer op te zetten en
opnieuw in het strijdperk te treden, net alsof dat de natuur-
lijkste zaak van de wereld ware. Uren lang kan de Javaan,
op den grond nedergehurkt, zich verlustigen in de grootsche